vrijdag, januari 05, 2007

Een slavenziel

Het redelijke wezen kan weliswaar een dodelijk gevaar lopen door een absurd bevel van de hand te wijzen, maar – zo zegt men – het is voldoende, dat het de dood aanvaardt om vrij te blijven. In zijn vrijheid van denken bewaart het een onbeperkt vermogen tot weigering…. De ware heteronomie (1) begint als gehoorzaamheid niet langer een gehoorzaam bewustzijn is, maar een innerlijke neiging….. Liefde tot de meester vervult de ziel dan zozeer, dat deze geen afstand meer neemt. De vrees vervult de ziel dermate, dat men die vrees niet eens meer ziet, omdat men vanuit die vrees ziet. Dat men slavenzielen kan maken, is niet alleen de pijnlijkste ervaring van de moderne mens, maar misschien wel de weerlegging van de menselijke vrijheid.

Emmanuel Levinas (1906-1995)

(1)Heteronomie staat tegenover autonomie . De heteronome mens accepteert regels van iemand anders of van iets buiten zichzelf .

Levinas heeft ook een opvatting over God : deze staat niet boven de mens maar is terug te vinden op aarde in het gelaat van “de weerloze andere”. Zie in dit verband ook de woorden van de pastoor te H., als hij het heeft over “de ander” .

donderdag, januari 04, 2007

De stropdas

Toen Doarmer vandaag de krant las, dacht hij “ Sinds wanneer mag je Lauswolt binnen zonder stropdas?”

Oer it wurkjen Over het werken

De helft van het nuttige werk in de wereld bestaat uit het bestrijden van schadelijk werk.

Bertrand Russell

Het verschijnsel werk blijft Doarmer fascineren. Zelf neigt hij naar het ouderwetse standpunt, dat een fatsoenlijk mens niet werkt, maar van zijn geld leeft en het werken aan het tuig overlaat, maar helaas de tijden zijn veranderd. Er heeft echt een “omwaardering van de waarden “ plaatsgevonden. Een aantal jaren geleden was er zelfs een politicus, die in de verkiezingscampagne uitriep “ werk, werk en nog eens werk, daar gaat het om”. Ja, als zelfs mensen, die het voorbeeld zouden moeten geven, dergelijke dingen beweren, wat kan men dan van het volk verwachten. Goed, zal men zeggen, als iedereen dan zo nodig moet werken, aan de slag dan maar. Het probleem is echter, dat men ook eist, dat dit werk nut heeft en dat is nu eenmaal onmogelijk. Er is gewoon te weinig nuttig werk. Het gevolg is, dat heel veel mensen jarenlang bezig zijn met het elkaar toeschuiven van formulieren, plannen bedenken, die niet uitgevoerd kunnen worden of wel uitgevoerd worden, waarna weer puin geruimd moet worden enz. enz. Gelukkig heeft de mens een groot talent om zichzelf iets voor te spiegelen en daarom geloven de meesten, dat ze iets doen wat nuttig is. Zonder dit zogenaamde nut zouden ze ook erg ongelukkig worden, wat op zich ook al weer vreemd is, want als Doarmer dan toch moet werken, dan doet hij het liefst onnuttig werk. Dit alles beschouwend zijn in onze maatschappij de mensen, die met ondoordachte plannen rotzooi veroorzaken, onmisbaar, want zij creëren op deze manier werk voor ontelbaren en zijn in feite “bron van geluk” voor velen.

woensdag, januari 03, 2007

De betovering van een lied

De sinnedei oer finnen en mieden,
de beammen rûzjend, panderjende kij….
It is, as soe de simmer nea net skiede
fan dizze fjilden, en ik nea fan dy.

Salang de fûgels troch de loften stjoere
en flinters fûgelj’ oer ús hollen del,
jildt eltse dei mei dy wol tûzen oeren,
mar eltse oere duorret net in tel.

Wannear’t wy sykje nei inoarrens hannen
wurde ús kleare eagen langsom wiet.
De skimerjûn fersûzet oer de lannen
mei de betsjoening fan in wûnder liet…..

M.Sikkema

In boek

Dit boek gaat over een waargebeurd verhaal, waarbij vrijheid, dood, liefde, hartstocht en zelfs de filosoof Nietzsche een rol spelen. De hoofdpersoon is een steenvoeger, klompenmaker, stroper en accordeonist, die Nietzsche leest. En zoals het gaat met die boeken, er is ook een film van gemaakt.

dinsdag, januari 02, 2007

In byljende hûn Een blaffende hond

In aardig wat gevallen maakt onnodige bedeesdheid het probleem groter dan het is. De publieke opinie is altijd tirannieker jegens degenen die haar duidelijk vrezen, dan jegens degenen die er onverschillig onder blijven. Een hond blaft luider en bijt sneller als mensen bang voor hem zijn dan wanneer ze hem met verachting behandelen en de mensenkudde heeft deze eigenschap ook in zekere mate. Als u laat merken dat u bang voor hen bent, bent u een gemakkelijke prooi, maar als u onverschilligheid laat blijken beginnen ze aan hun eigen macht te twijfelen en laten u sneller met rust…….. Conformistische mensen raken zwaar geïrriteerd door afwijkingen van de conventies omdat ze die afwijkingen als kritiek op zichzelf beschouwen. Ze vergeven echter de non-conformistische trekken in iemand die genoeg vrolijkheid en vriendelijkheid in zich heeft om zelfs aan de domste duidelijk te kunnen maken dat hij geen kritiek op hem heeft….. Het heeft natuurlijk geen zin de publieke opinie met opzet te tarten; wie dat doet laat zich er nog steeds door beheersen, zij het op een omgekeerde manier. Maar echte onverschilligheid ervoor is een teken van kracht en een bron van geluk.
Bertrand Russell

In dizige freon Een vage vriend

Stel u hebt een vriend, die mijnheer Jansen heet. Als fysiek object zijn zijn grenzen ietwat vaag, zowel omdat hij steeds elektronen verliest en weer nieuwe verwerft, als omdat een elektron, als stuk elektriciteitsdistributie, niet plotseling ophoudt op zekere afstand van zijn middelpunt. De oppervlakte van mijnheer Jansen heeft daarom iets spookachtigs en onwezenlijks, dat ge niet gaarne associeert met uw schijnbaar zo massieve vriend. Het is niet nodig ons in de subtiliteiten van de theoretische natuurkunde te verdiepen om duidelijk te maken, dat uw vriend Jansen op droevige wijze onbepaald is. Wanneer hij bezig is zijn nagels te knippen, is er een ondeelbaar ogenblik, gedurende hetwelk het twijfelachtig is, of zij nog deel van hem uitmaken of niet. Wanneer hij een stuk vlees eet - op welk ogenblik begint dat dan deel van hem uit te maken? Wanneer hij koolzuur uitademt, wanneer houdt dit dan op tot hem te behoren - als het zijn neusgaten verlaat? Zelfs wanneer we deze laatste vraag bevestigend beantwoorden, blijft er toch een eindige tijd, gedurende welke het twijfelachtig is, of bepaalde moleculen zijn neusgaten al dan niet zijn gepasseerd. Om deze en andere redenen is het twijfelachtig, wat nu wel deel uitmaakt van mijnheer Jansen, en wat niet. Dit wat betreft de vaagheid in ruimtelijk opzicht.
Bertrand Russell: De menselijke kennis
Russell wil met dit voorbeeld de beperking van de taal aangeven. Wat bedoelt iemand, als hij zegt “dit is mijn vriend Jansen” en de vaagheid zit dan niet alleen in het ruimtelijke, maar ook in de tijd. Taal is voor hem een onmisbaar werktuig, de taal geeft niet alleen uitdrukking aan gedachten, maar maakt ook gedachten mogelijk, die zonder taal niet zouden bestaan. De taal heeft echter een “grove benadering” van de werkelijkheid ,suggereert een concreetheid in objecten, die ze volgens de natuurkunde niet hebben. De filosoof heeft het probleem, dat hij gebruik maakt van de taal, maar tegelijkertijd deze “grove benadering” moet bestrijden.

maandag, januari 01, 2007

It nije jier

Doarmer wenst iedereen een gelukkig 2007
Doarmer winsket eltsenien folle lok en seine yn 2007

It nije jier begjint mei rein
sa’t ek it âlde einige,
it nije jier ûnthjit mei grize loften
sa’t ek it âlde die.
Faaks hat, wat barre sil,
al west, al tûzenfâldich,
om’t alles is,
yllúzje fan tiid en romte.

De stad E.

Earne yn’e stêd E. op in desimbermiddei

zondag, december 31, 2006

In twapetear Een tweegesprek

God:
Gij smaakt als een wijndruif,
gij geurt als een balsem,
gij straalt als een zon,
gij zijt een groei van mijn hoogste minnen.
De ziel:
Gij zijt mijn spiegelberg,
mijn lust voor het oog,
een verliezen van mijzelf,
een storm van mijn hart,
een vallen en ondergaan van mijn kracht.

Mechthild von Magdeburg (1207-1282)
Een middeleeuwse mystica .Haar belangrijkste werk is "Ein fließendes Licht der Gottheit".

zaterdag, december 30, 2006

Loaikje Luieren

Gustave Courbet (1819-1877)

donderdag, december 28, 2006

In grutte en in lytse tsjerke


Vervlogen dromen

Rûzje, rûzje wyn,
sjong dat liet fan wiere minne,
rûzje, rûzje, wyn,
fan dy leafde lang ferlyn,
Hja binne earne tein,
Yn’e stoarm fan hûs fertstaat,
dreamen binn’ ferflein
yn’t saffieren mearminsklaad.

G.Jonkman

Earne yn Fryslân Ergens in Friesland

Ik vond een tijdje geleden deze oude foto ergens tussen mijn boeken. Kan iemand mij vertellen in welk dorp deze kerk staat? Ik heb geen idee.

Ik fûn in skoftke ferlyn dizze âlde foto earne tusken myn boeken. Kin immen my sizze yn hokker doarp dizze tsjerke stiet? Ik soe it net witte.

woensdag, december 27, 2006

De wente De woning


Vol alcohol, zwaarmoedigheid
En eerbied voor de Maagd,
Woon ik in Friesland.
Niet mijn, Uw wil geschiede.

Reve

dinsdag, december 26, 2006

Een droevig verhaal

De vervuilde oude man strompelde door het donkere park, terwijl een ijskoude noordenwind met wat vergeten bladeren speelde. Hij had al twee dagen nauwelijks iets gegeten en hij had het gevoel alsof hij de intense kou nooit meer kwijt zou raken. Hij dacht, laat ik maar eens gaan slapen op dat bankje daar, toen ineens zijn gezicht opklaarde en zijn tong onwillekeurig langs zijn lippen bewoog. Zijn smoezelige ongeschoren gelaat werd levendig, want naast het bankje boven in de afvalbak zag hij een broodje liggen, weliswaar verschimmeld, maar toch een broodje!...... Hoe lang was dat al geleden? Terwijl hij bezig was het broodje wat schoon te krabben, zo te zien had iemand met hondenpoep aan zijn schoen er boven op gestaan, ontdekte hij naast de afvalbak een dode rat, weliswaar in verregaande staat van ontbinding, maar toch….. vlees! Hoe lang was dat al geleden? Hij kon zich het niet meer herinneren. Brood en vlees en dat nog wel op kerstavond. Had het geluk hem nu niet helemaal in de steek gelaten of was het meer dan alleen geluk? Snel pakte hij de dode rat, stopte hem tussen het broodje en zittend op de bank op deze koude kerstavond begon hij langzaam, van elk hapje genietend, te peuzelen. Hij merkte niet eens, dat de eerste dikke sneeuwvlokken naar beneden dwarrelden. Hij dacht aan vroeger, toen zijn leven er toch heel anders uitgezien had. Goed, vrienden had hij eigenlijk nooit gehad. Zelfs in zijn jeugd, hij was enig kind, had hij eens een gesprek tussen zijn ouders afgeluisterd en gehoord hoe zijn vader zei “ Ik zou er wel een maandsalaris voor over hebben, als die jongen eens opdonderde”. Nu verdiende zijn vader wel niet zo veel, maar toch was het een harde opmerking. En ondanks alles begrijpelijk, want hij wist zelf ook, dat hij niet deugde……….

Begin van een kerstverhaal, eens voorgelezen aan een onderw. instelling te A.

maandag, december 25, 2006

Sljochtwei tinke Gewoon denken

Bij de overgang van de wereld van het gewone denken naar die van de natuurkunde bleven verschillende veronderstellingen van het gewone denken gehandhaafd, zij het dan in gewijzigde vorm. We nemen bijvoorbeeld aan, dat de meubels van onze kamer blijven bestaan, wanneer wij ze niet zien. Het gewone denken meent, dat datgene, wat voortbestaat, datgene is, wat we zien, wanneer we kijken, maar de natuurkunde zegt, dat wat voortbestaat, de uitwendige oorzaak is van wat we zien,d.w.z. een uitgebreide verzameling van atomen welke voortdurend quantumtransformaties ondergaan. In de loop van deze transformaties stralen zij energie uit, welke, wanneer zij in aanraking komt met een menselijk lichaam, verschillende uitwerkingen heeft, waarvan sommige “waarnemingen” worden genoemd.
Bertrand Russell

Donkere gouwe en groen venushaar

Hylas ging erop uit om vers water te vinden en hij kwam bij een heldere poel. Daar wilde hij zijn waterkruik vullen, maar vervolgens werd hij door lieftallige nimfen het water ingetrokken. Hij is nooit weer teruggekomen.

Al snel bemerkte hij een bron,
in een lage plaats, en eromheen was veel riet,

donkere gouwe en groen venushaar
en weelderige eppe en zich door het veen verspreidend hondsgras.
Midden in het water bereidden de Nimfen de dans voor,
de Nimfen die niet slapen, de verschrikkelijke godinnen voor mensen van het platteland,
Eunika en Malis en Nucheia met de lenteblik.

De jongen stak de grote beker naar voren in de rivier,
omdat hij hem erin wilde dopen, maar zij pakten allemaal zijn hand,
want liefde voor het Argivische kind had hun tedere harten van slag gebracht.

Uit:Theocritus, Idylle XIII

zondag, december 24, 2006

De laurier

Giovanni Tiepolo (1696-1770)
De nimf Daphne achtervolgd door Apollo, verandert in een laurier. De veroorzaker van dit alles, Cupido, verschuilt zich achter Daphne.

zaterdag, december 23, 2006

De earstling

De mens ging werken zonder zingen -
geen weet waarom, geen weet voor wie'n.
Onschuld en schoonheid, eerstelingen,
zijn wereld 's vijanden sindsdien.
Hebt gij, verrukt in huiveringen,
vannacht hun eersteling gezien?

Hij sprong te voorschijn, stond, en rilde
van drift en heldere onschuld, waar
een ronde maan de sneeuw der stilte
bescheen, en plots werd ik gewaar
de rechte lange hoorn, die trilde
van schoonheid en van doodsgevaar.

Laat zo 't gedicht geboren wezen
in een besprongen " nu en hier",
wanneer - een volle droom, gerezen
boven de sneeuw van het papier -
de schijfstift trilt van lust en vrezen,
hoorn van dat wild, onschuldig dier.

A.Roland Horst