woensdag, december 30, 2009

Nammers Immers

We hebben soevereiniteit nodig die ons tot ironie en zelfdistantie in staat stelt. Als in de relatie tot jezelf al het gevaar schuilt het slachtoffer te worden van je eigen waarheden, hoeveel groter moet dan niet voor anderen het gevaar voor lijf en leden worden als je met die waarheden naar buiten komt en in het sociale leven stapt – zonder die zelfdistantie en ironie. Doorgaans worden die gevaren niet gezien, omdat men immers met zijn waarheden ook voor de anderen, voor de maatschappij het beste wil. Wie zijn waarheid maatschappelijk wil verwerkelijken, behoort in de regel tot de categorie mensen die het ‘goed’ met ons voorhebben.

R.Safranski

dinsdag, december 29, 2009

Kwalsteriis Sneeuwijs

Vandaag is Doarmer voor een kort bezoek in het land F. geweest, als onbezoldigd “rayonhaad” wilde hij toch de situatie even met eigen ogen zien. Nu, tot zijn verbazing hield het ijs op sommige plaatsen, maar of dit genoeg is om de duizenden “zuiderburen” met hun hoempapa- en polonaisecultuur te dragen, is maar zeer de vraag. En misschien wordt het ook allemaal wel “kwalsteriis”.

maandag, december 28, 2009

Ferearmje of ferwoastgje Verarmen of verwoesten

Alleen wanneer ik niet alles mag doen, kan ik alles denken

Spinoza

Het leven verarmt als je onder invloed van het gebod om consequent te zijn alleen durft te denken wat je ook meent te kunnen leven. En aangezien het leven altijd een leven met andere mensen is, en daarom op compromisvorming en consensus blijft aangewezen, zul je alle compromissen, alle overeenkomsten die je in het sociale leven sluit, ook al aan je eigen denken opleggen. Zo komt het tot deze paradoxale situatie: niemand is zichzelf, iedereen is als de ander.
Het leven wordt verwoest als je, onder invloed van het gebod om tot elke prijs consequent te zijn, ook als het tot verwoesting leidt, iets wilt leven alleen omdat je het bedacht hebt.
De ene keer verarmt het leven omdat het denkbare eraan ontbreekt; de andere keer loopt het leven stuk op het geweld van het denkbare.

R. Safranski

zondag, december 27, 2009

Jin noflik fiele Zich op zijn gemak voelen

Kun je je een ‘niet- sinaasappel’ voorstellen? Waarschijnlijk niet, maar je kunt het wel zeggen. Vervolgens kun je zeggen dat iets niet tegelijkertijd een sinaasappel en een niet-sinaasappel kan zijn. Als we dus ‘democratie’ hebben, dan wordt al het andere ‘niet-democratie’ genoemd. Bij dat soort dingen voelt de geest zich niet op zijn gemak, aangezien er van nature geen ‘niet-sinaasappel’-patroon bestaat. Met schaakstukken wordt het een stuk eenvoudiger. Als je het over een ‘niet-wit stuk’ hebt, kun je je duidelijk een zwart stuk voorstellen. De geest probeert dus het vakje ‘niet’ met iets tastbaars in te vullen.’Niet-democratie’ betekent dan ‘dictatuur’.

Edward de Bono

zaterdag, december 26, 2009

Nei of troch Naar of door

Taal is een fantastisch middel om te beschrijven, maar dat betekent niet dat het ook fantastisch is als denksysteem of zelfs als perceptiesysteem. Als je een prachtig glas-in-loodraam in een middeleeuwse kerk in Frankrijk tegenkomt, kijk je dan ‘naar’ het raam of ‘door’ het raam naar de weilanden buiten? De meeste mensen kijken meer naar het raam dan er doorheen. Een van de fundamentele problemen met taal is de scheidslijn tussen diegenen die woorden behandelen als een venster waardoor we naar de wereld kijken, en diegenen die woorden behandelen als belangrijke en afgegrensde symbolen die een zelfstandig bestaan leiden.
Edward de Bono

vrijdag, december 25, 2009

Yn it hert reitsje In het hart raken

Pajerke, mijn swiet formeytsen,
dy my de hijmmelsch’swietheyt jout,
jouw my hondert paetkes, bout!
Dat it uwz ijn’t hert môt reytse:
Pæ my hondert reysen tjien,
Tuwt du wistet het ik mien.

Hondert-tuwzen paetkes jiette,
Tuwzen-tuwzen pæen dear to:
Bin ick gick! het ealje‘ ick? ho!
Lit uwz paetke‘, ô liordigh’ swiete,
Oon uwz lust-eyn, buwtte tol,
Swiet’, uwz swiete buwck swiet fol.

Gysbert Japix (1603-1666)


Onderdeel van een gedicht, waarvan de titel zoiets betekent als “gebruik de weinige tijd die je hebt goed, want het is zo voorbij”. Het gedicht gaat dan ook over “paetke”, in modern Fries “patsje” (= kussen), een synoniem van “tútsje”. Voortdurend gebruikt Gysbert ook het woord “swiet” (= zoet), want niets is toch “swieter” dan “patsje”. In de spelling van die tijd werd “ij” als een i-klank uitgesproken. Dit levert nog steeds verwarring op als iemand een achternaam heeft, die uit die tijd stamt.

donderdag, december 24, 2009

Noflik Gezellig

Doarmer winsket jimme allegearre in noflike kryst

Doelfêst Doelgericht

Maar waarom is het alleen zijn zo’n slechte ervaring? Het meest banale antwoord luidt: omdat het erg moeilijk is om volledig op eigen kracht de geestelijke orde vast te houden. Wij hebben behoefte aan externe doelen, externe prikkels, externe feedback, omdat die ons in staat stellen onze aandacht goed te richten. En wanneer deze externe invloeden ontbreken, gaat de aandacht dolen en worden onze gedachten chaotisch – wat resulteert in de toestand die we ‘psychische entropie’ hebben gedoopt……. Daarom is de televisie voor zoveel mensen een weldaad. Hoewel tv-kijken een verre van positieve ervaring is, schept het kleurrijke scherm tenminste enige orde in het bewustzijn. De voorspelbare verhaallijnen, de vertrouwde personages en zelfs de totaal overbodige reclamespotjes verschaffen prikkels die ons bestaan bevestigen.

Mihaly Csikszentmihalyi

Deze man met die prachtige achternaam – zou je daarmee in de politiek carrière kunnen maken, vraagt Doarmer zich af – heeft werken geschreven over het verschijnsel de ‘flow’. Een werker zoals Doarmer nu eenmaal is, bevindt zich regelmatig in zo’n toestand.

maandag, december 21, 2009

Belslydzje Met de arreslee gaan

Doarmer heeft eindelijk een geschikt transportmiddel gevonden.

Ynsnijd Ingesneeuwd



Nadat Doarmer vanochtend twee uur in de sneeuw had gerend, bleek bij terugkomst dat hij volledig ingesneeuwd is en daarmee afgesloten van de buitenwereld. Het enige transportmiddel, dat hem overblijft, is de hondenslee.

zondag, december 20, 2009

Foartiid A priori

De belangrijkste apriori’s die Kant ontdekt zijn de aanschouwingsvormen van ruimte en tijd en de categorie van de causaliteit. Dat was niet alleen voor Kants tijdgenoten een reusachtige ontdekking. Ruimte en tijd gingen immers door voor het ‘objectieve’ zonder meer, en nu bewees Kant dat ze louter deel uitmaken van onze geestelijke toerusting. Het is alleen onze subjectieve aanschouwingsvorm die de dingen en gebeurtenissen lokaliseert op punten in ruimte en tijd. Net zo is het volgens Kant met de causaliteit gesteld. Dat is geen schema van de wereld buiten ons, maar een schema in ons hoofd, dat wij aan de buitenwereld opleggen. Het is alleen ons verstand dat de ontvangen zintuiglijke gegevens volgens het causaliteitsbeginsel met elkaar verbindt.
R.Safranski

vrijdag, december 18, 2009

In brette hoanne Een gebraden haan

Toen ik op een dag de redenering van Augustinus besprak, waarin hij op grond van die overweging dat het onvergankelijke beter is dan het vergankelijke, tot de conclusie komt dat god, de geheel goede, dan geheel onvergankelijk moet zijn, maakte iemand de opmerking dat volgens die redenering een kiezelsteen beter moet zijn dan een gebraden haantje. Want hij is in ieder geval minder vergankelijk…….. De geschiedenis heeft waarden totaal omgekeerd: het vergankelijke is het onvergankelijke geworden, niet toevallig omdat het behalve zijn vergankelijkheid nog andere en betere kwaliteiten heeft, maar juist omdat het vergankelijk is en daarin een bloei van hevig leven concentreert. Wat niet voorbijgaat is waardeloos en vervelend om geen andere reden dan dat het niet voorbijgaat. Een eeuwige, onvergankelijke waarheid is een waarheid op een niveau waarop wij de waarheid niet kennen, omdat we ze daar niet proeven en niet ruiken. Voor ons is ‘modern’ een ander woord voor ‘waar’ geworden, bijna een synoniem voor ‘goed’ en ‘betrouwbaar’.

C. Verhoeven

dinsdag, december 15, 2009

Bjusterbaarlik Verbluffend

‘Werkelijk’ is geen woord dat we met al te simpele zelfverzekerdheid mogen gebruiken. Als een neutrino (1) een brein had dat was geëvolueerd in voorouders op neutrinoformaat, zou het zeggen dat rotsen ‘werkelijk’ voor het merendeel bestaan uit lege ruimte. Wij hebben een brein dat is geëvolueerd in voorouders op middelgroot formaat die niet dwars door rotsen konden wandelen, dus ons ‘werkelijk’ is een ‘werkelijk’ waarbij rotsen massief zijn. Voor een dier is ‘werkelijk’ wat zijn hersenen als ‘werkelijk’ moeten ervaren om het dier te helpen overleven. En omdat verschillende soorten in zulke verschillende werelden leven zal er een verbluffende variëteit aan ‘werkelijken’ zijn.

Richard Dawkins

(1)Een subatomair deeltje dat probleemloos door materie gaat.

zondag, december 13, 2009

Earne yn it easten Ergens in het oosten


Vandaag was Doarmer even in het Heilige Land

zaterdag, december 12, 2009

De ljochten oanstutsen De lichten ontstoken

Doarmer heeft vanavond de lichten in zijn “buiten” kerstboom , een kleine blauwe spar, ontstoken en hij heeft daarbij vooruitlopend het volgende lied gezongen:

Stille nacht, hillige nacht,
stjerreglâns, ingle wacht
't Bern dat mannichten silligje sil,
dreamt yn 't krebke en glimket sa stil,
rêst yn sillige slom
rêst yn sillige slom.

vrijdag, december 11, 2009

It tsjoed Het kwaad

Terecht wordt gezegd dat vergankelijkheid en tekort in de natuurlijke dingen tegen de individuele natuur ingaan; maar toch behoren zij tot de bedoeling van de universele natuur, voor zover het tekort van het een ten goede komt aan het ander, ofwel ook het hele universum…. Als immers alle kwaad verhinderd zou worden, zou ook veel goed aan het universum ontbreken. De leeuw immers zou niet kunnen leven, als hij geen dieren zou doden.

Thomas van Aquino (1225-1274)

Tja, vanuit het perspectief van het prooidier vertegenwoordigt de leeuw misschien wel het kwaad, maar een schepping zonder leeuw zou erger zijn, aldus deze middeleeuwse theoloog/filosoof.

donderdag, december 10, 2009

Hjir of dêr Hier of daar

Als Doarmer een beetje heimwee (ûnwennigens) heeft, dan klikt hij hier of daar .

woensdag, december 09, 2009

Túnkje Tuinieren

Uit vochtige donkere dagen, eenzaamheid , liefdeloze woorden aan ons adres schieten conclusies op als paddenstoelen; ze zijn er op zekere morgen, we weten niet waar vandaan, en zien grauw en grimmig naar ons om. Wee de denker, die niet de tuinier, maar alleen ondergrond van zijn gewassen is!

Nietzsche

maandag, december 07, 2009

Ferstjitte Verstoten

De keerzijde van het christelijke medelijden met het lijden van de naaste is de diepgewortelde argwaan tegen alle vreugde van de naaste, zijn vreugde aan alles wat hij wil en kan.

Een heilige was tussen de gelovigen terechtgekomen en kon hun voortdurende haat tegen de zonde niet langer verdragen. Tenslotte zei hij: “God heeft alle dingen geschapen, alleen de zonde niet: is het een wonder, dat hij haar niet welgezind is? –Maar de mens heeft de zonde geschapen en zou hij haar, zijn enig kind, verstoten?

Nietzsche

vrijdag, december 04, 2009

It ûnrant Het onkruid

Men stelle zich een tuin voor, met honderd soorten bomen, met duizend soorten bloemen, met honderd soorten vruchten, met honderd soorten kruiden. Als nu een tuinman geen andere botanische onderscheiding kent als ‘eetbaar’ en ‘onkruid’, dan zal hij met negen tiende van zijn tuin niets weten te beginnen, hij zal de verrukkelijkste bloemen uitrukken, de edelste bomen omhakken of hij zal ze toch haten en scheef aankijken. Zo doet de steppewolf met de duizend bloemen van zijn ziel. Wat niet in de rubriek ‘mens’ of ‘wolf’ past, dat ziet hij niet eens.

Hermann Hesse

maandag, november 30, 2009

Kommendewei In aantocht

Het spreekwoord zegt wel “één engel maakt nog geen kerst”, maar feit is, dat je tegen het eind van de middag, als het begint te schemeren, de eersten al weer in het luchtruim ziet. Het wachten is nu alleen nog maar op sneeuw en arme weeskinderen, die blootsvoets lucifers te koop aanbieden en natuurlijk op zondaren die tot inkeer komen en het is weer kerst!

zaterdag, november 28, 2009

Trijetûzen gûne Drieduizend gulden

Een krantenbericht uit 1974

Nammen jaan Namen geven

Van een kalender geplukt:

Het recht van de meester tot het geven van namen gaat zo ver, dat men ook eens zo vrij moet durven te zijn de oorsprong van de taal zelf als machtsuiting van de heersers te begrijpen: zij zeggen “dat is dat en dat”, ze verzegelen ieder ding en iedere gebeurtenis met een klank en nemen het daardoor als het ware in bezit.

Friedrich Nietzsche

woensdag, november 25, 2009

Ferlet Behoefte

Ik heb al vaak geschreven dat we in onze taal grote behoefte hebben aan een woord voor ‘de manier waarop we naar de dingen kijken’. Het woord dat hier het dichtst bij komt is inderdaad ‘perceptie’ , maar dat woord is eigenlijk te zeer verbonden met het zien. We hebben een woord nodig dat betekent ‘de manier waarop we de dingen in onze geest zien’…… Als onze percepties verkeerd zijn, krijgen we geen juist antwoord, hoe uitvoerig en briljant we ook logisch redeneren. Daarom is het jammer dat we een intellectuele traditie hebben, die zijn inspanningen vrijwel geheel op logica richt, en maar zo weinig op perceptie. Logica zal emoties en gevoelens niet veranderen. Perceptie kan dat wel.
Edward de Bono

dinsdag, november 24, 2009

Lykwicht Evenwicht

Vandaag moest Doarmer in een theaterzaal toezicht houden op een menigte pubers op volle oorlogssterkte. En daar sta je dan als eerzame hardwerkende visboer annex verkeersregelaar in het buitengebied. Gelukkig kon Doarmer met Zijn hulp bovenstaand kunststukje uitvoeren, waarmee het jonge volkje beeldend duidelijk werd gemaakt, dat zelfs in de meest labiele situatie toch altijd evenwicht mogelijk is.

maandag, november 23, 2009

Ûnder skoalmasters Onder schoolmeesters

Wenn Faust den unter den Schullehrern berühmten , vom Philister mit Schauer bewunderten Spruch sagt: „Zwei Seelen wohnen, ach, in meiner Brust! „ dann vergisst er den Mephisto und eine ganze Menge andrer Seelen, die er ebenfalls in seiner Brust hat. Auch der Steppenwolf glaubt ja , zwei Seelen (Wolf und Mensch) in seiner Brust zu tragen und findet seine Brust dadurch schon arg beengt. Die Brust, der Leib, ist eben immer eines, der darin wohnenden Seelen aber sind nicht zwei, oder fünf, sondern unzählige; der Mensch ist eine aus hundert Schalen bestehende Zwiebel, ein aus vielen Fäden bestehendes Gewebe……. Lustig und vielfältig ist das Spiel der Menschheit.

Hermann Hesse

zondag, november 22, 2009

De fiere famkes De verre meisjes




Op redens Op schaatsen

Gisteravond heeft Doarmer een musical in de stad W. bezocht. Er werd o.a. gezongen “wat fiele wy ús lokkich as wy op redens stean”( = wat voelen wij ons gelukkig als wij op schaatsen staan). Nu de laatste keer dat Doarmer op redens stond ging hij meteen door zijn enkel. Tijdens de musical bezocht een gezelschap per bus de elf steden, waaronder natuurlijk de stad W. en in al die steden werd men geconfronteerd met historische personen en gebeurtenissen. Bovendien werden onderweg nog “merkwaardige lifters”meegenomen, want zo is dat volk wel, “wat frjemder, wat better”. Wat Doarmer opviel was het meelevende publiek, dat spontaan antwoorden riep en meezong als af en toe een Friese “klassieker” werd gezongen, zoals “dêr’t men eanget fan gjin weagen, dêr is’t leave heitelân” (= waar men de golven niet vreest, daar is het dierbare vaderland). De musical had ook een boodschap en voor zover Doarmer deze heeft begrepen, kwam het hierop neer: doorzetten, afwijkingen accepteren, samenwerken en natuurlijk Fries spreken, één van de lifters was een meisje, dat verdriet had, omdat ze het Fries niet onder de knie kreeg, hetgeen natuurlijk door de buspassagiers verholpen wordt, zodat zij aan het eind ook mee kan zingen. Sa sjogge jo mar , zo ziet u maar!

woensdag, november 18, 2009

In gearkomste Een vergadering

Tiisdeitemiddei,
loft trillet, lûden wurde berne,
mar bliuwe net benei te kommen
yn it ferfrjemdzjende sweevjen.
Earnst, noed, eartetelle,
eamelje, gapje,bytsje opwine,
delbêdzje, jitris eamelje.
Dan in projekt,
sa is it goed.
Úteinlik binn’ wy ek in projekt
fan Him,
slagge of net.

maandag, november 16, 2009

Oerskatte Overschatten

Der Ernst , mein Junge, ist eine Angelegenheit der Zeit; er entsteht, soviel will ich dir verraten, aus einer Überschätzung der Zeit. Auch ich habe den Wert der Zeit einst überschätzt, darum wollte ich hundert Jahre alt werden. In der Ewigkeit aber, siehst du, gibt es keine Zeit; die Ewigkeit ist bloß ein Augenblick, gerade lang genug für einen Spaß.

Hermann Hesse

zondag, november 15, 2009

Breidzje en betsjoene Breien en beheksen

Avondvisites waren in onze jongensjaren erg in trek, maar het ging toen iets anders dan nu gebruikelijk is. In het algemeen was het nog zo, dat tegen een uur of acht het warme maal op tafel kwam. En dan aten de ‘praters’ ook mee. De mannen waren tijdens het praten ook aan het breien. Een van mijn ooms zette op zo’n avond een mannensok op en kon deze dan, als hij naar huis ging, al klaar meenemen. Op dergelijke avonden moest er ook gesprekstof zijn, maar het alledaagse leverde niet altijd genoeg op en dan kwam het gesprek meestal terecht bij spoken, hekserij, ‘foartsjirmerij’ en dat soort zaken, waarin men nu niet meer gelooft. Maar die had dit onbegrijpelijke gezien en die dat, en dan werden de schouders maar opgehaald. Padden, die ’s avonds het huis binnen wilden en bij de deur rondscharrelden, waren niet te vertrouwen. En vooral katten, zwarte katten, hadden het altijd op vrouwen en kinderen voorzien en dan moest de duivelbanner eraan te pas komen. In de Knipe woonde voor onze tijd ook zo iemand. Een zoon in Nieuwebrug deed nog zo’n beetje in dat vak, zei men, maar een andere zoon, in de Knipe, maakte wel kruiden, in ieder geval voor het vee, maar of er nog mensen om raad tegen het beheksen naar hem toegingen, weet ik niet.

Imke Klaver (1880-1967): Herinneringen van een Friese landarbeider

zaterdag, november 14, 2009

Fan’e wrâld Van de wereld

In der Welt zu leben, als sei es nicht die Welt, das Gesetz zu achten und doch über ihm zu stehen, zu besitzen, als besäße man nichts, zu verzichten, als sei es kein Verzicht – alle diese beliebten und oft formulierten Forderungen einer hohen Lebensweisheit ist einzig der Humor zu verwirklichen fähig.

Hermann Hesse: Der Steppenwolf

De beam De boom

Ein Baum redet den Menschen an

Was mir hat der Herbst genommen,
kann ich wieder neu bekommen,
wann des Frühlings Vater bläst.
Mensch, du kriegest auf Begehr
deinen Geist nicht wieder her,
wann er einmal dich verläßt.

Meine starke Wurzeln machen,
daß ich mag der Winde lachen.
Du hingegen sinkest hin,
wann nur etwan über Feld
Süd nicht gleiches Wetter hält
oder böse Dünste ziehn.

Bin ich einmal gut beklieben
und vor Schaden froh geblieben,
so besteh ich lange Frist.
Aber du wirst abgemeit
oft in deiner Frühlingszeit
wann du kaum geboren bist.

Andreas Tscherning (1611 - 1659 )

vrijdag, november 13, 2009

Yn’e rûnte giselje In het rond tollen

Wij denken bijvoorbeeld te leven in een vlakke, stilstaande wereld. Een wereld waar de zon ’s ochtends opkomt en ’s avonds weer ondergaat. Er zijn maar weinig dingen waar we zo vanzelfsprekend staat op maken en ons zo gerust bij voelen. Toch is het allemaal onzin. Want in werkelijkheid is de wereld een grote kluit materie die eeuwig door het grote niets valt terwijl ze zo razend om haar as tolt, dat ze de bewoners van de evenaar onophoudelijk met een snelheid van bijna vijfhonderd meter per seconde in het rond sleurt. En de zon, die doet in werkelijkheid ten opzichte van onze wereld niks. Ze verdwijnt alleen regelmatig een tijdje uit het zicht doordat de aarde ons het zicht op haar beneemt.

R.Smits

woensdag, november 11, 2009

Toarstgje Dorsten

Doch heimlich dürsten wir………

Anmutig, geistig, arabeskenzart
Scheint unser Leben sich wie das von Feen
In sanften Tänzen um das Nichts zu drehen,
Dem wir geopfert Sein und Gegenwart.

Schönheit der Träume, holde Spielerei,
So hingehaucht, so reinlich abgestimmt,
Tief unter deiner heiteren Fläche glimmt
Sehnsucht nach Nacht, nach Blut, nach Barbarei.

Im Leeren dreht sich , ohne Zwang und Not,
Frei unser Leben, stets zum Spiel bereit,
Doch heimlich dürsten wir nach Wirklichkeit,
Nach Zeugung und Geburt, nach Leid und Tod.

Hermann Hesse

dinsdag, november 10, 2009

In nuvere dûmny Een merkwaardige dominee

Doarmer las het volgende in Wikipedia:

Johannes Hendrikus Zelle (Leeuwarden 1907- 1983) was een markante en eigenzinnige predikant behorende tot de Gereformeerde Kerken in Nederland. Hij is geboren als zoon van Jacob Zelle en Antje Zelle-Brouwer. Hij is na een studie theologie aan de Vrije Universiteit(kandidaatsexamen 1944) betrekkelijk korte tijd werkzaam geweest als predikant in Friesland, maar zonder standplaats. Op 16 juni 1949 wordt hij in Rockanje beroepen, op 21 oktober 1949 wordt Zelle toegelaten tot het ambt, op 6 november daaropvolgend wordt de bevestigingsdienst gehouden in de Gereformeerde Kerk. Na een roerige periode, waarin Zelle op 'zijn eigen wijze' als predikant werkzaam is, vraagt hij vervroegd emeritaat aan, per 1 april 1956 wordt dat ingewilligd. Zelle staat dan in Rockanje en daarbuiten bekend als een excentrieke verschijning, met zijn relatief lange, zwarte haar, sportieve inborst, ongezouten meningen en felle stijl van preken. Als 'herder en leraar' van de gemeente functioneert hij niet zoals de inwoners van Rockanje zich van een dominee hadden voorgesteld: hij bekommert zich niet nadrukkelijk om het wel en wee van zijn kudde, de pastorie is niet het warme middelpunt van de geloofsgemeenschap (Zelle heeft geen verwarming en een geïnstalleerde kachel weigert hij te branden) en na wat onenigheid met het kerkbestuur waarbij Zelle ook beschuldigd wordt van eigengereid optreden in financieel opzicht (hij zou de pastorie hebben verhuurd ten bate van zijn eigen portemonnee) moet Zelle vertrekken. Zelle is (en blijft) ongehuwd, iets dat ook opzien baart, niet in de laatste plaats omdat hij gezien wordt als een aantrekkelijke man die met enige regelmaat warme belangstelling krijgt van het vrouwelijk deel van zijn parochie. Hij gaat terug naar Leeuwarden en trekt in bij zijn moeder aan de Gysbert Japicxstraat 82 en gaat iedere dag naar het zwembad in Huizem Zelle wordt een 'preektijger', die met zeer grote regelmaat uitgenodigd wordt door tal van kerkbesturen in het hele land, met name in het noorden. Hij komt, vaak op de racefiets, na een schriftelijke afspraak (een telefoon had hij nimmer) preken, krijgt de kerk vol met klippenklare, conservatieve en ouderwets ingedeelde preken, inclusief tussengezang, waarbij hij het onorthodoxe in de uitvoering niet schuwt. Zelle buldert, zingt, springt en boeit niet alleen daardoor de mensen: de kerken zitten doorgaans vol als Zelle komt preken. Zijn bezoeken aan dorpen waar hij komt prediken zijn vermaard: men weet, Zelle moet ontvangen worden met een stevige tot zeer stevige maaltijd, die hij tot de laatste kruimel of schep pudding verorbert. Hij blijft een eigenzinnige man, die uiterst sober in het moederlijk huis blijft wonen, ook na de dood van zijn moeder, die onder Zelle's aanvankelijke protest onder politiebegeleiding uit het huis moet worden gehaald. Zelle overlijdt op 76-jarige leeftijd. Hij wordt gevonden, zittend achter zijn bureau. De politieagent die hem vindt, heeft later, als predikant, een bundel met volksverhalen over hem uitgegeven. Dominee Zelle was familie van de beroemde Margaretha Geertruida Zelle, bekend als Mata Hari.

zondag, november 08, 2009

Ûnsjoch Lelijk

Uit de krant:

Friezen spreken lelijkste Nederlands
LEEUWARDEN - De meeste Nederlanders zijn niet al te positief over Nederlands dat door Friezen wordt gesproken. Ze vinden het vreemd en stijf.

Toen Doarmer het bovenstaande in de krant las dacht hij: Het moet niet malder wodde, dat Hollands grijst my aan met die nuvere g-klanken, maar je wille dan niet de minste weze,het benne oek mensen en je prebere der wat van te maken en dan is het weer niet goed. Ja soms komt zulk praat my over de hoge skoen, as se nou dat Hollands afskaffe en gewoan Engels prate, daar komst oek fedder met.

zaterdag, november 07, 2009

It breklike ark Het gebrekkige werktuig

Derrida wijst onder andere op de openheid, de oncontroleerbare subjectivistische lading van woorden, die iedereen weer anders en vanuit een andere context kan verstaan; kortom het interpretatievraagstuk dat ook voor de geschiedwetenschap van zo’n kardinale betekenis is. En daar ligt een andere beperking. Het logische probleem van de taalanalyse en taalfilosofie blijft immers dat voor elke analyse van de taal het instrument taal zelf onmisbaar is en dat de ontmaskeraar van de veronderstelling uit moet gaan dat zijn eigen woorden in ieder geval niet voor verschillende uitleg vatbaar zijn……. En nog algemener gesteld: wie de mogelijkheid ontkent dat wij ware uitspraken kunnen doen, kan deze uitspraak moeilijk anders dan als een ware uitspraak lanceren en daarmee raakt hij in de draaikolk van het kretenzerprobleem.

H. von der Dunk
Kretenzerprobleem: De Kretenzer, die zei dat alle Kretenzers liegen.

vrijdag, november 06, 2009

De kliber De horde

Het kenschetsende van de dag van heden is dat de man uit de grote hoop, met het bewustzijn van zijn gelijkvloerse aard, onomwonden zijn alledaagsheid durft te bevestigen en deze overal opdringt…..Wij hebben nooit gezegd dat de maatschappij een aristocratisch bewind moet hebben, doch veel meer dan dit. Wij blijven bij de reeds eerder geuite mening, die met de dag zich vaster in ons wortelt, dat de maatschappij, of zij wille of niet, altijd aristocratisch is krachtens haar wezen, en wel zozeer dat zij slechts maatschappij is voor zoverre zij aristocratisch is, en zij ophoudt dit te zijn naar gelang zij haar aristocratisch karakter verliest. Men begrijpe goed dat wij spreken van de maatschappij, en niet van de staat.

José Ortega Y Gasset: De opstand der horden. (1930)

Jitris faasje Nog eens snelheid


woensdag, november 04, 2009

Ride Schaatsen

Joech de maaitiid folle wille,
Ek de winter is my djoer,
As’k dy sjoch, sa moai en krigel,
D’eagen fol fan heger fjoer.

Mei de faam der oer te waaien,
Wat in wille foar in Fries!
Binn’de beammen keal en neaken –
Dat is : maaitiid op it iis.

P.J. Troelstra

Yn 't sulver skoot de Greidhoek by my lâns.
In lichte rûchfroast hâldt it gea omsletten.
De stille skiep fine amper noch wat fretten
En pleatsen sliepe, hawwe neat omhâns.

Ien ienlik boerefamke griep har kâns
As harke it nei de twang fan âlde wetten.
Op 't iere iis fan de novimbersleatten
Siket it preamkeskowend om balâns.

Do lytse rydster met dyn wiffe skek,
Weibruid fan ûnder heite skuorretek,
Ik sjoch dy as jongfaam al swierich strûzen

De Alve Stêden del as wie it neat,
Fergetten is dy dan dy smelle sleat...
En jimme skriuwe al lang it jier twatûzen.


D.A. Tamminga

Twee schaatsgedichten, waarin het natuurlijk niet alleen gaat over het schaatsen en het ijs, maar ook over de faam/ it famke op het ijs.

dinsdag, november 03, 2009

Dy't swijt, seit ja Wie zwijgt, stemt toe

Bespiegelingen over een zwijgzame tv-boer

Zwijgzaamheid wordt door sommige mensen opgevat als een teken van wijsheid. Deze opvatting vindt men ook terug in bepaalde filosofieën en in sommige spreekwoorden, die het zwijgen verheerlijken, zoals “spreken is zilver, zwijgen is goud”. In feite bedoelt men dan, dat alleen dat uitgesproken mag worden, wat eerst goed doordacht en afgewogen is, want een compleet zwijgende wereld is een wel haast onmenselijk ideaal. Dus eerst denken, dan spreken, zo werd vroeger ook over de taal gedacht, maar tegenwoordig ziet men het toch iets anders, al sprekend wordt de mens een denkend wezen, denken en spreken vormen een soort opwaartse spiraal. Door over iets te spreken, breng je het denken daarover ook op een hoger plan. Bestaat een volslagen non-verbale intelligentie? Was de mens zonder talig te zijn ooit zover gekomen? Doarmer verdenkt sommige mensen ervan dat ze zwijgen omdat ze gewoon niets te zeggen hebben, het is tamelijk leeg tussen de oren (helemaal leeg kan niet), de spiraal wordt gewoon niet opgestart. Tja tv-boer, leegheid of wijsheid? Wa sil it sizze?

Sineeske snie Chinese sneeuw




maandag, november 02, 2009

Sprutsen en skreaun Gesproken en geschreven

Spreken en schrijven verschillen als wedstrijd en filmverslag, krijgsheer en staatsieportret, rivierklei en baksteen. Het tweede kan niet zonder het eerste, maar het heeft zijn eigen weg gevonden, zijn eigen wetten gemaakt. Sommige taalkundigen hebben zich verzet tegen de gedachte dat schrijven versteend spreken is, een substituut. Voor Bolinger geldt zelfs dat spreken en schrijven even weinig verband hebben als spreken en zien. Hij licht die gewaagde stelling toe met een aardige vergelijking. De lezer van het brailleschrift leest en begrijpt met de vingertoppen, hoewel hij nooit geleerd heeft alfabetische tekens te zien. Ook voor de doofgeborene bestaat er geen relatie tussen wat wij horen en wat hij leest.

F.Droste

zondag, november 01, 2009

In flybkjende hûn Een kwijlende hond

Wat 007 aangaat, in iedere Bond-film zijn verrassingseffecten: nieuwe wapens en prille Bond-girls: maar het patroon is altijd hetzelfde. Bond reageert als een Pavlovse hond. Elke aantrekkelijke vrouw roept een flirt-reflex op, elke bedreiging een koelbloedige reactie. Zit Bond, de verdediger van de westerse vrijheid, als mens in zijn rol gevangen? Een Bond die plotseling op de gedachte zou komen om lid te worden van de communistische partij, zou ondenkbaar zijn. Even onzinnig zou het zijn wanneer hij bij elke ontmoeting steeds precies hetzelfde zou zeggen. Wij willen een Bond die wij herkennen, maar die tegelijk ook telkens een beetje anders is. Hij mag zich niet volgens het toevalsbeginsel gedragen, maar ook niet al te stereotiep. Wij houden van Bond, net als bij onze vrienden van vlees en bloed, van de verandering in het gelijk blijvende. Maar daarmee is onze vraag nog niet beantwoord: is Bond gevangene van zijn rol? Ik denk: niet meer dan elke normale sterveling.

Friedhelm Moser

zaterdag, oktober 31, 2009

Finzen Gevangen

Kaart van de Nederlandse dialecten, Fryslân is weggelaten behalve de steden, die als taaleilandjes staan aangegeven. Ook de eilanden zijn gedeeltelijk weg.

Woorden worden bedacht om iets over de wereld te zeggen. Maar taalelementen staan niet alleen in relatie tot de wereld, ze hebben ook interne betrekkingen. Zinnen richten zich naar grammatica, niet naar natuurwetten, en de wereldgeschiedenis gaat niet, zoals de geschiedschrijving ons wil doen geloven, te werk volgens een of andere onnaspeurbare enscenering. Maar al te graag dragen wij structuren van de taal over op de wereld der feiten. Het resultaat is een logomorf, dat wil zeggen op de taal afgestemd, wereldbeeld met (in onze taal) drie geslachten, meerdere werkwoordstijden, bedrijvende en lijdende vorm en uitdrukkingsmogelijkheden die beantwoorden aan de woordvoorraad. Het domme van deze valse sluitrede is, dat wij er niet aan kunnen ontkomen. Taal is een gevangenis met onzichtbare muren waarin ons voorstellingsvermogen levenslang zit opgesloten.


Friedhelm Moser


Die laatste zin is interessant, “taal is een gevangenis”. Dit klinkt negatief, positiever zegt men wel “de taal is het huis, waarin je woont” en die huizen kunnen verschillend zijn. Iemand die tweetalig is, heeft ook wel het idee, dat hij in twee werelden leeft en in zoverre kan Doarmer zich wel iets bij de woorden van Moser voorstellen. En natuurlijk zegt Wittgenstein “de grenzen van mijn taal, zijn de grenzen van mijn wereld”, maar om dan meteen van gevangenis te spreken? Het suggereert in elk geval, dat er meer is dan wij in woorden kunnen uitdrukken. Wat de taal betreft gelooft Moser niet, dat logica de mens gelukkiger maakt. Hij zegt,”de mens is nu eenmaal een sloddervos, een onberekenbaar wezen, een beminnelijke chaoot, een Odysseus zonder Ithaca, een kompas zonder Noorden, een vogel zonder nest. Zijn wegwijzer is de weerhaan”. De mens is dus eigenlijk een doarmer.

Yn’e fûle faasje In volle vaart

zoon H. op snelheid

vrijdag, oktober 30, 2009

Hjerstige lins Herfstige rust

Ik sjoch dy yn it hjerstich jûnsrea
tusken fallen apels,
reelizzend foar de smots.
Ik hear dy, laitsjend en dy fernuverjend
oer in podde dy’t hast ûnsichtber
troch de giele blêden hipt.
Ik rûk dy tusken de wietige rook
fan beammen en gers.
Ik fiel de waarmte fan dyn lea
en ik wit:
De simmer hat efkes lins,
mar komt perfoarst werom.

dinsdag, oktober 27, 2009

Ferjitte Vergeten

Betrachte die Herde, die an dir vorüber weidet: sie weiß nicht, was gestern , was heute ist, springt umher, frißt , ruht , verdaut ,springt wieder, und so vom Morgen bis zur Nacht und von Tage zu Tage, kurz angebunden mit ihrer Lust und Unlust, nämlich an den Pflock des Augenblicks, und deshalb weder schwermütig noch überdrüssig. Dies zu sehen geht dem Menschen hart ein, weil er seines Menschentums sich vor dem Tiere brüstet und doch nach seinem Glücke eifersüchtig hinblickt – denn das will er allein, gleich dem Tiere weder überdrüssig noch unter Schmerzen zu leben, und will es doch vergebens, weil er es nicht will wie das Tier. Der Mensch fragt wohl einmal das Tier: warum redest du mir nicht von deinem Glücke und siehst mich nur an? Das Tier will auch antworten und sagen: das kommt daher, daß ich immer gleich vergesse, was ich sagen wollte – da vergaß es aber auch schon diese Antwort und schwieg: so daß der Mensch sich darob wunderte.

Nietzsche

zondag, oktober 25, 2009

Dize Nevel

Juster wie Doarmer tegearre mei oare Friezen yn’e stêd U. It wie tige nijsgjirrich, it stânbyld fan W. op in hynder mei in Frysk sealtektsjerkje yn syn hân, de beammen lâns de grêften mei harren rea-brúne hjerstblêden , de midsieuwske tsjerken en nei ôfrin it smoute petear, mar bytiden eaze it slim. Faaks is it dêrtroch kommen, mar yn elts gefal hjoed wie Doarmer in bytsje heal en seach hy de wrâld yn in dize.

vrijdag, oktober 23, 2009

Liene Lenen

Het verschijnsel, dat schrijvers tekst van een ander onder eigen naam publiceren bestaat misschien al sinds de uitvinding van het schrift , maar ook het omgekeerde komt voor, namelijk, dat men voor het uitgeven van eigen werk een beroemde naam leent om zo de kans te vergroten dat het gelezen wordt. Voor dat laatste kan men zelfs sympathie opbrengen. De schrijver in kwestie vindt “de boodschap” blijkbaar zo belangrijk, dat over hij over zijn eigen ego heenstapt, een echte idealist dus. Een bekend voorbeeld is een 5e eeuwse christelijke theoloog/filosoof, die nu de Pseudo-Dionysius wordt genoemd, maar die zich in zijn werk presenteerde als Dionysius de Areopagiet, een door de apostel Paulus bekeerde rechter uit Athene. Dit lenen van een “bijbelse” naam heeft wel succes gehad, want in de Middeleeuwen had zijn werk veel invloed. Een paar weken geleden werd Doarmer bij zijn bezoek aan de stad L. met een soortgelijk verschijnsel geconfronteerd. Hier betrof het een zogenaamde vertaling , terwijl het in werkelijkheid waarschijnlijk om eigen werk gaat. Op zich een compromis, men leent een beroemde naam, maar als vertaler blijft ook het eigen ego gespaard. Ja, de minsken fine wat út!

donderdag, oktober 22, 2009

Op’e grutte pôle Op het grote eiland


In het dorp B. betrapte Doarmer deze geit, die samen met een aantal soortgenoten bezig was pakken stro naar binnen te werken . Aangezien hij niet wist of het hier een typische “eilander” gewoonte betrof, aarzelde hij om in te grijpen. Doarmer had per slot van rekening ook gezien, dat men met behulp van paarden een boot de zee introk. Op zo’n eiland hebben beesten duidelijk een andere functie. Ook de taal op het eiland was interessant. Naast Duits werd er ook Nederlands gesproken en dit Nederlands had een licht “zangerige”klank, zodat Doarmer af en toe de neiging had om Fries te spreken.

maandag, oktober 19, 2009

De fjoertoer De vuurtoren

nieuwe werkplek van Doarmer

zondag, oktober 18, 2009

Wetteleazens Wetteloosheid

De begeerten en andere menselijke hartstochten zijn op zichzelf niet zondig. En de handelingen die uit deze hartstochten voortkomen zijn dat evenmin, tot de daders een wet kennen die ze verbiedt. Zolang er geen wetten zijn gemaakt, is dit echter niet mogelijk; en er kunnen pas wetten worden gemaakt als men het eens is over de persoon die ze moet maken…………….Recht en onrecht zijn geen eigenschappen van lichaam of geest. Als dat zo was, zouden we ze ook moeten aantreffen bij iemand die alleen op de wereld is, net als zintuigen en hartstochten. Het zijn eigenschappen die betrekking hebben op mensen in de samenleving, en niet in afzondering. Uit deze toestand volgt verder dat er geen bezit of eigendom bestaat, geen duidelijk onderscheiden mijn en dijn; maar dat alles wat iemand krijgen kan van hem is, zo lang als hij het weet te behouden. Tot zover de ellendige toestand waar de mens zuiver door de natuur in verkeert.

Thomas Hobbes (1588-1679)

Doarmer is het helemaal eens met Hobbes, er moeten regels zijn, want anders krijg je een gekkenboel. Natuurlijk worden die regels wel eens overtreden, want de mens is gelukkig niet perfect, maar dat wil niet zeggen, dat je daarom die regels moet afschaffen. Doarmer heeft dan ook moeite met die zogenaamde vrijbuiters, die wel claimen dat ze antiburgerlijk zijn, maar daarin blijven steken of hooguit als alternatief een door drank of ander genotsmiddel verdoofd bestaan aanbieden.

zaterdag, oktober 17, 2009

Gjin ambysje Geen ambitie

Vandaag las Doarmer een artikel waarin van een volk gezegd wordt, dat het een laag ambitieniveau heeft. Dit zou o.a. blijken uit het feit, dat ze “lagere”schooltypes bezoeken, terwijl hun examenresultaten hoger zijn, typische onderpresteerders dus. Aangezien Doarmer zelf ook tot dit volk behoort, wil hij toch even reageren. Zou het niet kunnen zijn, dat dit volk het behalen van een diploma iets meer relativeert, is dat het enige waar het om gaat in het leven, begint het mens-zijn bij het HAVO-diploma? Bovendien uit hun geschiedenis blijkt helemaal niet dat ze zo weinig ambities hebben , wie heeft per slot van rekening de Romeinen tegengehouden en zouden ze talrijker zijn, dan kon de rest er goed last van krijgen, want ze zijn niet te beroerd om carrière te maken en bijvoorbeeld een bank op te richten.

donderdag, oktober 15, 2009

In dûmny Een dominee

Ga naar de volgende site. Ga naar media, dan You Tube en tenslotte Zelle. U maakt dan kennis met een uitzonderlijke dominee en dat wordt wel eens tijd na al die paters en pastoors!!!!

woensdag, oktober 14, 2009

Jitris eat en neat Nog eens iets en niets

Dialoog tussen christen en heiden

C: Ik weet dat alles wat ik weet, God niet is en dat alles wat ik begrijp, niet op Hem gelijkt, maar dat Hij alles te boven gaat.
H: Niets is dus God.
C: Niets is Hij niet, want dit niets heeft de naam ‘niets’.
H: Als Hij niet niets is,is Hij dus iets.
C: Hij is evenmin iets. Want iets is niet alles. God is echter niet eerder iets dan alles.
H: Wonderlijke dingen beweer je: de God die jij aanbidt, is niet niets en ook niet iets. Dat kan geen verstand vatten.
………………………
C: Hij is niet niets, noch is Hij niet, noch is Hij en is Hij niet tegelijk, maar Hij is de bron en de oorsprong van alle beginselen van zijn en niet-zijn.
H: Is God de bron van de beginselen van zijn en niet-zijn?
C: Nee.
H: Zojuist heb je dat gezegd.
C: Ik heb iets waars gezegd, toen ik dat zei, en nu zeg ik iets waars, nu ik het ontken.

Cusanus ( 1401- 1464)

dinsdag, oktober 13, 2009

Healwiis Ongerijmd

Wij trachten de vraag naar het Niets te stellen. Wat is het Niets?Reeds in de eerste aanloop tot deze vraag doet zich iets ongewoons aan ons voor. Als wij de vraag aldus stellen, poneren wij het Niets bij voorbaat als iets wat zus of zo ‘is’ - als een zijnde. Maar daarvan verschilt het toch juist te enen male. Als wij naar het Niets vragen – naar wat en hoe dat Niets is – dan slaat het onderzochte in zijn tegendeel om. De vraag berooft zich aldus zelf van haar eigen onderwerp. Dienovereenkomstig is ook ieder antwoord op deze vraag van huis uit onmogelijk, want het neemt noodzakelijkerwijs deze vorm aan: het Niets ‘is’ dit of dat. Ten aanzien van het Niets zijn vraag en antwoord op dezelfde wijze ongerijmd.
Heidegger
Wat is het Niets? Het Niets “is” dus nooit.

zondag, oktober 11, 2009

De kaai De sleutel

Jou my de kaai ,
doch it hoeden, wifkjend,mar eangje net.
Dan sil ik de wei iepenje,
de mei tateblom beseame wei nei dyn siel,
en sil ik heinebalje mei dyn tinzen,
sadat hja in part fan my wurde sille
en gearwoeksen dûnsje wy fierder
yn in ivich no.
Sil ik, sille wy…………

zaterdag, oktober 10, 2009

Kwytreitsje Kwijtraken

Want als het punt is bereikt dat je iets weggeeft omdat je het toch niet meer vast kunt houden, dan is het bijna altijd beter dat kwijt te raken door geweld dan door angst voor geweld. Want als je toegeeft uit angst, dan doe je dat om een oorlog te vermijden, en meestal komt die dan toch. Als je namelijk iemand door een duidelijk laffe opstelling zijn zin hebt gegeven, dan zal die het daar niet bij laten: hij zal je nog meer af willen nemen, zich nog agressiever gaan gedragen, en nog minder respect voor je krijgen…… Als je daarentegen ,zodra de bedoelingen van je tegenstander duidelijk worden, voorbereidingen treft voor een krachtmeting, ook al ben je minder sterk, dan zal die respect voor je krijgen.
Machiavelli: Discorsi, gedachten over politiek en staat (ca.1519)

vrijdag, oktober 09, 2009

It ûntwyk Het toevluchtsoord

Rijke mensen hebben dat goed begrepen: wil je kunnen genieten dan moet je vooral niet werken. Zo ken ik een ondernemer die vindt dat iedereen tot op hoge leeftijd dient door te werken, maar voor zichzelf al zijn exit ruim voor zijn 65e geregeld heeft. Kijk, dat toont wijsheid……..Kun je werkelijk niet ontsnappen aan het werk dan is het zaak om er geestelijk en emotioneel afstand van te nemen. Je overleeft de mismatch het best door te doen alsof je hart voor de zaak hebt, terwijl je zelf heel goed weet dat het ergens anders ligt. Veel mensen die in de komende jaren gedwongen zullen worden om onder slechtere arbeidsomstandigheden langer te werken zullen tot deze remedie hun toevlucht nemen.

Joep Schrijvers

donderdag, oktober 08, 2009

In reinige hjerstjûn Een regenachtige herfstavond

Drie dames uit de kunsthandel in discussie over de prijs van een schilderij. Geld speelt in die wereld geen rol!

Gisteravond bezocht Doarmer in het dorp W. een lezing over een schilder en het meest interessante aan deze schilder is dat hij uit het onderw. kwam maar het krijtje heeft verruild voor de penseel , hetgeen bewijst dat mensen uit het onderw. toch ook wel iets anders kunnen. Ook het publiek was interessant, iedereen uit W. of de wijde omgeving, die op kunstzinnig gebied maar iets “voorstelt”, was aanwezig, de gemiddelde leeftijd was dus ook dusdanig, dat Doarmer, hoewel al op leeftijd, zich een kind voelde, hetgeen bewijst dat jonge mensen nog geen esthetisch gevoel hebben ontwikkeld. De schilder had zich gespecialiseerd in het schilderen van vee en het was te merken, dat de mevrouw, die de lezing verzorgde, hierin niet zo thuis was, dus koeien, stieren en pinken werden wel eens verwisseld, hetgeen bewijst, dat je zulk werk toch weer beter aan boeren of hun afstammelingen kunt overlaten. Tenslotte de schilder in kwestie bleek een halve Fries te zijn, hetgeen bewijst, dat…… Ja, zo’n regenachtige herfstavond in een zaaltje ergens in een dorp levert heel wat nieuwe inzichten op.

dinsdag, oktober 06, 2009

Gjin foet oan'e grûn Geen voet aan de grond


Yn stee fan In plaats van

‘Max Salter’, zei Polly,’ je staat nu al twintig minuten te verkondigen dat we niet bestaan. Dat is toch een zinloze onderneming? Of je hebt ongelijk, en dan sta je onze tijd te verspillen. Of je hebt gelijk – en waarom zou je dan de moeite nemen tegen ons te praten? Je had altijd al idealistische neigingen.’
‘O?’Ben was verbaasd. Max wekte niet echt de indruk dat hij streed voor een betere wereld.
‘Hier betekent idealisme dat je ervan uitgaat dat niets bestaat, behalve in de ervaringen van de menselijke geest, of ideeën,’ legde Lila uit. ‘Er zijn geen vaste voorwerpen die blijven bestaan als we ze niet ervaren; in plaats daarvan is de wereld niets meer dan een constructie die uit deze ervaringen is samengesteld. De bewering dat een boom bestaat, betekent eenvoudig “ er is een boom gezien”.’
Lucie Eyre

zondag, oktober 04, 2009

Befiemje Omvatten

Tijdens het rennen ren ik gewoon. In principe loop ik in een leegte. Of misschien moet ik zeggen dat ik loop om een leegte te creëren. Vanzelfsprekend glippen in die leegte ook af en toe spontaan gedachten binnen. De menselijke geest kan immers niet volledig leeg zijn. De psyche is niet sterk en ook niet coherent genoeg om een leegte te omvatten. Toch blijven de gedachten die tijdens het hardlopen mijn geest binnendringen ongeschikt aan de leegte. Ze zijn geconstrueerd op basis van leegheid, niet op basis van inhoud.
Murakami

zaterdag, oktober 03, 2009

Patsje Zoenen

Nu, payerke, nu! com, pay my den red!
Ick liaeu du wirste nein payen sed.
Al jough ick dy tusen patkes deis
Allijckewol seiste: jitte reis.

Al ick dy sjoch mey’t geel cruus hijr,
Een dey wirt my wol tusen jijr.
So jerne woe ick witte, oft æck de wird is,
Dat de monen binne, lijck de stirt is.

Twee “erotische” versjes uit ca. 1600

vrijdag, oktober 02, 2009

Ynmoedich laitsje Ernstig lachen

Televisiereclames proberen ons ook aan het lachen te maken, maar bij Nietzsche gaat het veel dieper dan grappig zijn. Bij hem is het iets existentieels. Je moet om jezelf kunnen lachen in het licht van de onzinnigheid van het bestaan, in de wetenschap van je eigen sterfelijkheid. Voorbij de grenzen van je eigen zelfrespect wordt lachen bij Nietzsche een vorm van therapie. Vrolijke wetenschap betekent dat je als wetenschapper om je eigen waarheid moet kunnen lachen; het hele leven als een mop. Die mop moet je niet luchtig opvatten. Nietzsche wist dat het leven ook lijden was. Het is een enorm gevecht om alsnog om het bestaan te kunnen lachen…… Vooral in zijn latere werk is hij in gevecht met ‘het kuddedier’ , de massa….. Het is een keuze die iedereen moet maken; kies je voor de veiligheid of kies je voor een risicovol bestaan. Zelf heb ik het geluk dat ik nooit een goede baan heb gehad waar een bepaalde aanpassing voor nodig is. In onze cultuur is werken een soort religie. Dat merkte Nietzsche ook.

N. Helsloot

dinsdag, september 29, 2009

Op jins brea krije Op zijn brood krijgen

Wat mensen gewoonlijk het lot noemen, is meestal alleen maar de som van hun eigen stomme streken. Men kan daarom niet genoeg de schone plaats van Homerus ter harte nemen waar hij de mètis, dat wil zeggen het wijze overleg aanbeveelt. Want ook al zouden we voor onze gemene streken pas in het hiernamaals hoeven te boeten, onze stomme streken krijgen we hier in deze wereld al op ons brood…… Niet hij die grimmig, maar hij die wijs uit zijn ogen kijkt ziet er afschrikwekkend en gevaarlijk uit, want het lijdt geen twijfel, dat het menselijk brein een afschrikwekkender wapen is dan de klauwen van een leeuw.
Schopenhauer

maandag, september 28, 2009

Skjinmeitsje Schoonmaken

Vandaag zag ik te A. een man, die bezig was kastanjes te verzamelen. Hij had een rolstoel bij zich en droeg een wintermuts met punt. Op zich al merkwaardige attributen, gezien de temperatuur en de kwiekheid, waarmee hij zich bewoog, maar wat nog vreemder was, elke kastanje, die hij opraapte werd eerst zorgvuldig gepoetst. Kijk zo’n beroep heeft wel iets. Vraag: Wat doet u eigenlijk? Antwoord: Ik ben kastanjepoetser te A. Ja, daar sta je dan als geitenuierwasser ,verkeersregelaar in het buitengebied, visboer of inspecteur der kazematten in het voormalige zuiderzeegebied.

zondag, september 27, 2009

In Fryske bolle om utens Een Friese stier in den vreemde


Steech stiest do dêre,
miele,
op dy sneontemiddei yn dat doarp,
om utens,
dreamend fan in fier
eachweid oer it gea.
Ik seach dy,
twa siedsjes ferspraat
troch in wiffe wyn.

donderdag, september 24, 2009

Fresena grime Der Friezen woede

De Gedachtenistafel van de Heren van Montfoort is het oudst bewaard gebleven schilderij uit Nederland, ca 1380 gemaakt. Van links naar rechts zijn afgebeeld Maria ( de moeder van…), Jan I, zijn oom Willem, zijn oudoom Roelof , Hendrik (de zoon van Roelof) en Sint Joris. Sint Joris, de beschermheilige van de ridders houdt Hendrik vast en dit laatste heeft geholpen, want als enige van de vier heeft hij de slag in 1345 tegen de Friezen overleefd. Onder het schilderij staat de volgende tekst:
int jaer ons heeren dusent drie hondert vijfentveertich op cosmas en damianus dach doe bleven doot op die vriesen bij grave willem van heynegouwen van hollant van // Zeland en heer van Vrieslant heer jan van Montfoorde heer roeloff van Montfoorde heer willem van Montfoorde met veel hare magen vrienden en onder // hebbenden. bidt voor haer allen zielen.

U leest het goed, ondanks de verpletterende nederlaag wordt graaf Willem nog steeds Heer van Friesland genoemd, ja het is een koppig volkje!

woensdag, september 23, 2009

Hynders Paarden

graaf Willem sneuvelt, maar op de afbeelding zijn wel paarden te zien


Zaterdag a.s. is het weer zover, de slag vond meer dan 660 jaar geleden plaats, maar wat zijn nu 660 jaren in de geschiedenis van een oud cultuurvolk, dat al tegen de Romeinen vocht? Wikipedia zegt er het volgende over:

Aanval
De Hollanders, onder wie ook Willems oom, hertog Jan van Beaumont,voeren vanuit Enkhuizen met een vloot de Zuiderzee over en landden bij Stavoren en Laaxum. Ze wilden het Sint-Odulphusklooster bij Stavoren gebruiken als vesting. De Hollandse ridders droegen een harnas , maar hadden geen paarden, omdat daarvoor geen ruimte was aan boord van de schepen, die waren volgeladen met werkvolk, bouwmateriaal, en voorraden. De troepen van graaf Willem staken het verlaten Laaxum en Warns in brand en trokken op naar Stavoren. Bij Warns werden ze aangevallen door de plaatselijke bevolking. Door hun zware harnassen waren ze geen partij voor de woedende boeren en vissers. De vluchtweg die de ridders kozen, leidde naar het Rode Klif. In het moerassige landschap bij het klif werden de Hollanders verpletterend verslagen. Ook graaf Willem kwam tijdens de slag om het leven. Toen de troepen van de hertog van Beaumont in Stavoren hoorden wat er was gebeurd, vluchtten ze naar de schepen, achtervolgd door de Friezen. Slechts een kleine groep overlevenden kwam in Amsterdam aan.
Tactische missers
De slag werd gekenmerkt door een aantal tactische missers van de Hollanders. Allereerst verdeelden zij hun strijdkracht in tweeën. Willem landde ten noorden van Stavoren en zijn oom Jan ten zuiden. Daarnaast zette Willem de aanval overhaast in zonder te wachten op zijn boogschutters. Met een kleine groep van 500 man bereikte hij het Sint-Odulphusklooster, omdat de Friezen bewust terugweken. Daarna sneden zij Willem echter af van de hoofdmacht van zijn troepen en vernietigden hem. Vervolgens keerden ze zich tegen Willems hoofdmacht die niet kon vluchten omdat de schepen buitengaats lagen. Toen ook deze troepen waren vernietigd, richtten zij zich tegen Jan van Beaumont. Deze had zich tot dan toe afzijdig gehouden. De Friezen konden hem verslaan omdat hij zijn legerkamp slecht had gekozen met de zee in de rug zodat zijn leger zich niet kon terugtrekken. De Friezen volgden de Hollanders zelfs tot in het water waar ze ze neersloegen.

zaterdag, september 19, 2009

Yn it oanbegjin In den beginne


de berte fan mem en bern troch har hân
de geboorte van moeder en kind door haar hand

woensdag, september 16, 2009

Pake Opa

Ieder mens krijgt op jonge leeftijd van zijn (groot)ouders nuttige informatie in de hoop dat zij later als volwassene hun voordeel hiermee kunnen doen. “Goed uitkijken voor je oversteekt”, “altijd met twee woorden spreken”, “beter je klomp kapot dan je hoofd “men kent dat wel. Helaas worden deze nuttige zaken om onduidelijke redenen vaak gemengd met vreemde verzinsels. Het meest stuitende voorbeeld is het geloven in Sinterklaas, er zijn volwassenen die dit geloof hun hele leven niet kwijtraken. Maar er zijn veel meer van dergelijke “bedenksels”, die soms een funeste uitwerking kunnen hebben, bijvoorbeeld “hard werken, goed je best doen, dan kun je later veel geld verdienen”. Generaties zijn hierdoor gefrustreerd en ongelukkig geworden. Doarmer zelf had gelukkig (groot) ouders, die zich wat dit betreft inhielden. Sinterklaas was gewoon een cadeautjesfeest verder niet en hard werken was op zich niet verkeerd, als je het leuk vond, maar geen garantie om rijk te worden. Eén opa echter kon het niet nalaten tussen alle nuttige adviezen, die hij Doarmer heeft gegeven, af en toe een bedenksel te gooien. Met kleine Doarmer in het kinderzitje voorop, maakte hij lange fietstochten door de omgeving en Doarmer vond het geweldig. Opa kon prachtige verhalen vertellen bij alles wat ze onderweg tegenkwamen. Op een dag echter viel opa met fiets en kinderzitje en Doarmer om, niemand raakte gewond, Doarmer schrok natuurlijk wel even en de fietsbel was losgeraakt en lag op de weg. “Kijk”, zei opa “dat gebeurt nu altijd, als de fietsbel losraakt, dan valt de fiets om”. Heel lang heeft Doarmer voor het begin van een nieuwe tocht even gecontroleerd of de bel wel goed vastzat. Ik bedoel maar, volwassenen onderschatten de uitwerking van hun woorden op kleine kinderen.

zondag, september 13, 2009

De yntinsje De intentie

De wil van degene die uit neiging zorgzaam handelt en van degene die uit neiging sadistisch handelt, is in Kants ogen dus structureel gelijk. Beide handelen uit neiging, beide stellen hun eigenliefde boven de morele wet. De handelingen van de een zijn toevallig in overeenstemming met de moraal, die van de ander zijn overduidelijk immoreel. De uit neiging zorgzame persoon heeft het geluk dat zijn of haar neiging toevallig samenvalt met wat de ethiek vereist, waardoor hij of zij toevallig doet wat ethisch geboden is.

P.Kleingeld over Kant

Voor de filosoof Kant gaat het erom met welke intentie men iets doet, dat bepaalt goed of kwaad. Indien iemand arme mensen helpt, omdat hij dat als zijn plicht beschouwt, dan is dat goed. Als deze persoon dezelfde handeling verricht om in de krant te komen, dan is dat slecht. Voor die arme mensen maakt het natuurlijk helemaal niets uit.

zaterdag, september 12, 2009

Erchtinkend Achterdochtig

Machiavelli beschrijft de oorsprong van de ondeugd van ingratitudine( ondankbaarheid) als achterdocht en gierigheid, maar ook als algehele zwakheid van de heerser. Hij is niet bereid met zijn legers mee te reizen naar veldslagen, maar is ook niet bereid zijn succesvolle generaals de glorie te gunnen die zij verdienen. Deze knoop zal ertoe leiden dat de heerser de capaciteiten van een bekwame generaal ondermijnt, uit angst of besluiteloosheid….. De enige manier voor de generaal om hiermee om te gaan is rebellie, de verwerving van nieuw territorium onder zijn eigen heerschappij, en het creëren van nieuwe politieke ruimte.

B. Bilski over Machiavelli

vrijdag, september 11, 2009

Kij Koeien

F. van Kregten

woensdag, september 09, 2009

Weromwurkjend Terugwerkend

Ieder groot mens heeft een terugwerkende kracht: de hele geschiedenis wordt omwille van hem opnieuw afgewogen, en duizenden geheimen van het verleden kruipen dan uit hun schulp – in zijn zon. Het is met geen mogelijkheid te overzien wat er nog eens geschiedenis zal zijn. Misschien is het verleden in wezen nog altijd onontdekt! Er zijn nog zoveel terugwerkende krachten nodig!
De grote persoonlijkheid die onze percepties verandert, kan dat eenvoudigweg doen door grote gebeurtenissen in gang te zetten……. Als we de vraag stellen of de aangebrachte veranderingen ook verbeteringen zijn, kunnen er stormen van protagoriaans relativisme opsteken. Ze zijn anders, en nieuwe tijdperken zullen weer nieuwe verschillen vinden. Maar waarom zouden we ervan uitgaan dat de veranderingen voor vooruitgang staan?

S.Blackburn

zaterdag, september 05, 2009

Mankelyk prakkesearje Melancholiek peinzen

De kans bestaat dat het “boartersplak” binnenkort verdwijnt. Wat is er namelijk aan de hand? Eén van Doarmer’s gedichten is gepubliceerd en wel op een dusdanige manier dat duizenden mensen een week lang op momenten, waarop er een last van hen afvalt, met het gedicht geconfronteerd zullen worden. Doarmer zal geen tijd overhouden, interviews, fotoreportages, radio- en tv-programma’s etc. Hij is nu al bezig de juiste kleding uit te zoeken, zodat hij melancholiek en toch ook licht dreigend zal overkomen. Vroeger had een dichter het gemakkelijk, pijp in de mond, alpinopet op het hoofd, een boekenkast op de achtergrond,klaar is Kees. Maar vandaag de dag? Peinzend een hand onder de kin is niet genoeg.

Guon Sommige

Filosofen vragen bijvoorbeeld vaak: ‘Stel dat iedereen het deed?’ als retorische vraag, en denken niet over het antwoord na, dat, vinden ze, uiteraard duidelijk is. Ze behandelen nooit de veel interessantere vraag: ‘Stel dat sommige mensen het deden?’

D. Dennett

“Als iedereen het doet”, zegt Doarmer altijd, dan krijg je een gekkenboel en dat is niet de bedoeling. De vraag van Dennett, die zich bezighoudt met de vrije wil, altruïsme en egoïsme, gaat in tegen de categorische imperatief van de filosoof Kant 'baseer uw gedrag op principes waarvan u zou willen dat het algemeen geldende wetten waren’ . Misschien kan niet een hele maatschappij uit egoïsten bestaan, maar welk percentage kan wel en bij welk percentage krijgt ook de egoïst er last van, dat er zoveel egoïsten zijn?

woensdag, september 02, 2009

De kar De keuze

Echt, of puur altruïsme is een moeilijk te vatten begrip, een ideaal dat altijd lijkt te verdampen op het moment dat je klaarstaat om het te grijpen. Het is niet duidelijk wat voor echt altruïsme doorgaat, en tegenstrijdigheid is constant in de buurt. Stel je eens een wereld voor waarin slechts één altruïst is en alle anderen zelfzuchtig zijn. De altruïst en een zelfzuchtige vent zitten vast op een eiland met een roeiboot die slechts aan één actor ruimte biedt. Wat moet de altruïst doen? Moet hij aanbieden op het eiland te verkommeren, of is het beter voor hem – meer altruïstisch – om de roeiboot op te eisen en de zelfzuchtige vent achter te laten en voor zichzelf te zorgen, zodat hij andere zelfzuchtige lieden op het vasteland kan helpen? Een altruïst dient zich niet zomaar onverstandig op te offeren – dat is gewoon stom.

D. Dennett

Eigenlijk een voorbeeld uit de dagelijkse menselijke praktijk. Men wil zogenaamd de ander “helpen”, maar vaak doet men door één te helpen twintig anderen tekort. Wat is dan altruïstisch? Volgens Dennett moet ook de altruïst intelligente keuzes maken. De “domme” altruïst helpt als hij met “zieligheid” wordt geconfronteerd zonder na te denken over de gevolgen. Kortom altruïst word je niet zomaar!!!

dinsdag, september 01, 2009

Tûk of lilkaardich Pienter of boosaardig

In een gesprek ziet men de één bezig een val uit te zetten, waar de ander in trapt, niet uit boosaardigheid, zoals men zou denken, maar uit genoegen aan de eigen pienterheid; dan weer anderen, die een grap voorbereiden, opdat de ander deze maakt, en die de lus knopen, opdat gene de knoop eruit haalt; niet uit welwillendheid, zoals men denken zou, maar uit boosaardigheid en verachting voor grove intellecten.
Nietzsche

maandag, augustus 31, 2009

In dwaaltún Een doolhof

Om kort te gaan, onze besluiten worden analoog aan een verkiezingsprocedure in een democratie genomen. Onze verschillende verlangens komen met hun voorkeur, waarbij ze rekening houden met de vele externe factoren die als beperking optreden of metaforisch de rol spelen van heggen in de enorme doolhof van het leven waarin wij allemaal gevangen zitten. Veel in het leven is ongelooflijk toevallig en onttrekt zich aan onze zeggenschap. We kunnen willen zoveel we willen, maar meestal komt onze wil van een koude kermis thuis. Onze wil is absoluut het tegendeel van vrij, hij is standvastig en stabiel, als een innerlijke gyroscoop, en de stabiliteit en standvastigheid van onze niet-vrije wil maakt mij tot mij en u tot u, en maakt tevens dat ik ik blijf en u u.

Hofstadter

De oude discussie ‘heeft de mens een vrije wil of niet?’. Hofstadter is duidelijk, we hebben niet zoveel te willen. Betekent dit, dat wij onder bepaalde omstandigheden niet anders kunnen dan een bepaald besluit nemen? Zij we dan nooit “schuldig”, wat we ook doen? Het lijkt er wel op. Volgens Hofstadter speelt het toeval bij die omstandigheden een grote rol en kunnen wij op die omstandigheden niet anders reageren dan zoals we doen. Doarmer vraagt zich af, waarom dan bij onze besluitvorming het toeval dan geen rol zou mogen spelen en dat zou betekenen dat we eigenlijk wel een vrije wil hebben, hoewel we daar dan weinig mee opschieten.

zondag, augustus 30, 2009

In snjit Een scheut

Welke fysische entiteiten bezitten Bewustzijn en welke niet? Bezit een heel menselijk lichaam Bewustzijn? Of hebben alleen de hersenen van de mens Bewustzijn? Of heeft misschien alleen een bepaald deel van de hersenen Bewustzijn? Wat zijn de precieze grenzen van een Bewuste entiteit? Door welke organisatorische of chemische eigenschap van een fysische structuur wordt die entiteit het recht gegund geïmpregneerd te worden met een scheutje Bewustzijn?
Hoe kan Bewustzijn samengaan met de natuurkundige wetten? Dat wil zeggen, hoe kan een scheutje Bewustzijn de baas spelen over materiële zaken zonder in hevig conflict te komen met het feit dat de natuurkundige wetten op zich voldoende zouden zijn om het gedrag van die zaken te bepalen.

Hofstadter

zaterdag, augustus 29, 2009

Wetterwille Waterpret

halverwege vanaf de rots


Zoon H. in de Adriatische Zee

In betize wrâld Een verwarde wereld

Daarom is de wereld niet alleen een hoogst bewonderenswaardige machine, maar voor zover hij uit geesten bestaat, de beste staat, waardoor aan de geesten een maximum aan geluk of vreugde wordt gegarandeerd, waarin hun fysieke volmaaktheid gelegen is. Maar je zult zeggen dat wij in de wereld het tegendeel ervaren, want dat het met de besten heel dikwijls het slechtste gaat, en dat niet alleen onschuldige dieren, maar ook mensen pijn lijden en gedood worden, zelfs onder folteringen, kortom dat de wereld, vooral wanneer wij letten op de manier waarop de mensheid wordt geregeerd, eerder de indruk wekt chaos en verwarring te zijn dan iets wat door een opperste wijsheid wordt geordend. Ik geef toe dat het op het eerste oog zo lijkt te zijn, maar ik meen dat, als we de zaak meer fundamenteel bekijken, we het tegendeel moeten vaststellen….. Wij kennen maar een gering deel van de eeuwigheid…. En toch oordelen wij op basis van een zo geringe ervaring lichtvaardig over iets wat onmeetbaar en eeuwig is.
Gottfried Leibniz (1646 – 1716)
Deze filosoof is van mening, dat wij in “de best mogelijke wereld” leven. Ook al zou het een grote ellende zijn, elk alternatief zou nog slechter zijn. Men spreekt wel eens over de optimistische kijk van deze filosoof op het bestaan , maar Doarmer heeft zijn twijfels of zijn opvatting wel zo positief uitgelegd moet worden, er zit ook iets in van “beter hebben we niet, je moet het hier maar mee doen”.

maandag, augustus 24, 2009

It bern en it weagjend nôt Het kind en het wuivend graan

Bern bin ik fan de boeren fan dit lân,
En op har pleatsen is myn jonkheid foarme.
Sûnt ha myn tinzen mennich paad lâns doarme
En geast en hert ha oeral fiedsel fûn.

Nin skientme wurdt my ea op ierde swider
As Fryske miede en Fryslâns weagjend nôt;
Nearne is in hillichdom dit Fryske hert’blider
As dat de dreamen fan syn âlden hâldt.

Douwe Kalma

vrijdag, augustus 21, 2009

De reinbôge De regenboog

Uiteindelijk zijn wij, vastgepinde hersenschimmen die onszelf waarnemen en onszelf verzinnen, wondertjes van zelfverwijzing…… Wij mensen, die halverwege de onmogelijk zichtbaar te maken kosmische onmetelijkheid van het gekromde ruimte-tijdcontinuüm en het twijfelachtige, schimmige flikkeren van geladen kwantums veeleer zweven als regenbogen en hersenschimmen dan als regendruppels of rotsblokken, zijn onvoorspelbare gedichten die onszelf schrijven, vage, metaforische, ambigue en soms buitengewoon mooie gedichten. Onszelf zo zien is waarschijnlijk niet zo opbeurend als geloven in onverwoordbare, bovennatuurlijke, met eeuwig leven beladen wolkjes, maar er staat iets tegenover. Wat je prijsgeeft is een kinderlijk gevoel dat alles precies is wat het lijkt.

Douglas Hofstadter

Deze woorden spreken Doarmer aan en hij herkent Berkeley erin. In zekere zin scheppen wij onze wereld, schrijven wij “ons gedicht”. En wat zijn wij? Hofstadter zegt , dat wij schimmig zijn, wij lijken meer op een regenboog dan op een tastbare regendruppel.

donderdag, augustus 20, 2009

Ûnttsjoene Onttoveren

Wie transparantie wil, wil een wereld zonder geheimen, waarin alles kenbaar en beoordeelbaar is. En daardoor beheersbaar natuurlijk, maar dat is het verborgen verlangen dat steeds de grondslag vormt. Transparantie is een term die terug te voeren is op de ambities van de moderniteit. Meten is weten; weten is begrijpen; begrijpen is beheersen….. Een onttoverde wereld is een beheerste wereld waarin alles in het teken van ratio en controle staat. In een dergelijke wereld raken alle substantiële waarden geabstraheerd en overheerst uiteindelijk de functionele rationaliteit…….. De verzamelde control- en adviesindustrie van Nederland is daarbij een gretige handlanger. Monitors, benchmarks, planning en control, performance-indicatoren, kengetallen, competenties. Elke mode wordt massaal nagevolgd. “Waar zit je in het INK-model?” “Heb je al een competentiematrix?” Als die modegevoeligheid niet zo veel last zou veroorzaken, konden we met milde ironie volstaan.

P.H.A.Frissen

woensdag, augustus 19, 2009

Swietrook Zoete geur

Ik rin alhiel ferwêzen om
En bin net mear my selme;
De swietrook fan in wûnderblom
Hat my alhiel bedwelme.

No sjong en floitsje 'k yn 'e moarn
En laitsje tsjin 'e sinne.
O wûnderbliere hertesoan,
Do blide jonge minne!

Piter Jelles Troelstra (1860- 1930)

Ik loop geheel verwezen rond
En ben zo vreemd van binnen;
De zoete wonderbloem die 'k vond
Bedwelmde al mijn zinnen.

Nu fluit ik 's morgens en ik zing
en lach het zonlicht tegen.
Kind van mijn hart, verlustiging,
O jonge minnezegen!

Vertaling van Theun de Vries

maandag, augustus 17, 2009

Suskesdei Zusjesdag


Vandaag heeft Doarmer drie van zijn zussen ontmoet, hetgeen voor een observateur als hij altijd interessant is. Hij heeft met hen over de Hegemer Mar, de Fluezen en de Morra gevaren en daarna uitkijkend over het water van een maaltijd genoten. Aan de overkant van het water waren de hoogtes van Gaasterland te zien. Kortom, sa kin men libje en toen hij ook nog een grote Friese vlag kreeg kon zijn dag niet meer kapot en hij realiseerde zich dat zussen eigenlijk helemaal niet bedreigend zijn.

zondag, augustus 16, 2009

De tillevyzje De televisie

Als Montaigne en Rabelais zich onledig hadden gehouden met nadenken over de boekdrukkunst, dan zouden ze nooit iets hebben geschreven! De technieken zijn geen onderwerp van overpeinzing. Ze zijn de brug tussen de stomme ervaring en wat men er dankzij hun bestaan over kan zeggen. Met de televisie gaat het niet precies zo. Vanwege de snelheid waarmee de televisie uitzendt, de versnelling die ze bewerkstelligt zou Virilio zeggen, haar planetaire karakter, dient het beeld zich als waar aan. ‘Dat is de mens, dat is de wereld van nu’, lijkt de buis te zeggen. Wat men waarneemt bestaat noodzakelijkerwijs! Vreemde overwinning van Berkeley op Descartes.

Jean Duvignaud

zaterdag, augustus 15, 2009

Simmermoarn Zomerochtend

Wat bisto leaflik, rizende simmermoarn!
't Opgeande sintsje laket my oan.
't Hoantsje kraait: kûkelû! `t Doke ropt: rûkûkû!
Ik wol ek sjonge fleurich fan toan.

Alles wat libbet docht der no sines by:
Fôltsjes en kealtsjes hynders en kij.
Guoskes, dy snetterje, skiepkes, dy bletterje.
Lamkes, dy springe nuvere blij.

't Lurkje yn 'e wolken, de eintsjes yn 't lizich wiet,
moskjes en sweltsjes, elts sjongt syn liet
De ea' barren klapperje, ljipkes wjukwapperje.
Skries op 'e hikke, ropt grito-griet!

`k Woe foar gjin gûne dat 'k jit te sliepen lei,
't is my sa noflik ier op `e dei.
Protters, dy tsjotterje, de eksters, dy skatterje,
alles is fleurich, ik bin it mei.

Waling Dykstra ( 1821- 1914)

Dit lied is de manier om wat vogelnamen te leren: Ljurk (leeuwerik), sweltsje (zwaluw), earrebarre (ooievaar), guos (gans), protter (spreeuw), skries (grutto), do (duif), ljip (kievit), mosk (mus), ein (eend).

vrijdag, augustus 14, 2009

De drôge De illusie

Mar , flechtling út ‘e deistge pleagen,
Hwat soe ik beare as koe’k dy net?
De drôge wykt fan skymrige eagen,
Dû bist it sels, myn dwyljend hert.

F.Schurer

De poarte De poort

Bij zijn bezoek aan de middeleeuwse stad E. ontmoette Doarmer ook een echte poortwachteres. Op zijn vraag of dit een goedverdienend beroep is, antwoordde zij, als door een wesp gestoken, zij had namelijk nog geen wespenvanger : “Nee, nauwelijks meer dan in het onderw. alleen je hebt natuurlijk meer status, daarom heb ik hiernaast ook nog een kleinschalige aardappelhandel, parels , eigenheimers en borgers, want ik zit hier op de grens van zand en klei”. De stad E. maakte overigens een goede indruk op Doarmer o.a. door de manier waarop men de middeleeuwse bouwwerken had gerestaureerd, zoals duidelijk aan de poort is te zien.

Fjouwer prekers Vier predikers