zaterdag, december 23, 2006

Oer in doarp en in skriuwer

Voorjaar 1964. De inwoners van Greonterp begroeten een nieuwkomer: het is Gerard Reve, de volksschrijver die zich op dat moment nog Gerard Kornelis van het Reve laat noemen. Reve heeft een leegstaand arbeidershuisje in het midden van Greonterp gekocht. Hij blijft er zeven jaar wonen.
Het zijn jaren waaraan de Greonterpers tot op de dag van vandaag aan herinnerd worden. En soms is dat best vermoeiend, blijkt uit een telefoontje aan voorzitter J. Galema van Dorpsbelang Greonterp. ,,Reve? Ach, dêr is alles wol oer sein.”
Galema woonde jarenlang tegenover Reve, op de boerderij aan de overkant van de straat. Na enig aandringen vertelt hij dat hij goed kon opschieten met de bekende schrijver. Dat gold eigenlijk voor alle Greonterpers. ,,Der wie neat mis mei dy man. Hy wie moeilik foar himsels, net foar ús.”

Uit: Friesch Dagblad

vrijdag, december 22, 2006

It mearke Het sprookje

Gisteravond heeft Doarmer een sprookjesachtig feest gehad. Hij heeft werkelijk zijn ogen uitgekeken, want als visboer maak je dat nooit mee. Overal waren prachtig versierde kerstbomen en er was ook een grote trap met allemaal lampjes en dan de dansvloer…….! En iedereen had ook hele deftige kleren aan en was vrolijk ,er werd gedanst en gelachen en men riep snaakse dingen naar elkaar . Doarmer heeft natuurlijk niet zo veel opleiding gehad, soms begreep hij de moeilijke woorden, die de dames en de heren gebruikten niet, maar men deed vriendelijk tegen hem en hij mocht gewoon meedoen. Vooral de dames zagen eruit als prinsessen, en misschien waren ze dat ook wel en af en toe viel de mond van Doarmer open, zo mooi, hij wist helemaal niet, dat dit bestond. Hij zag ook een paar bekenden, die op de markt wel eens een visje kopen, zoals dr. Oetker, de huisvrouw te H. en Pistolen Pieter. Ook zij waren uitgelaten en Pistolen Pieter schoot af en toe met een zilverkleurig pistool in de lucht, wat de feestvreugde alleen nog maar vergrootte. Het was werkelijk een onvergetelijke avond en Doarmer wil bij deze iedereen bedanken, die ervoor gezorgd heeft, dat hij erbij mocht zijn en het bewijst maar weer eens, dat de kerstgedachte bij heel veel mensen nog leeft!

donderdag, december 21, 2006

woensdag, december 20, 2006

Krystfieling Kerstgevoel

De wite fûgel en de twirre

Sjoch yn’e loft op winterjûn
de wite moannefûgel,
dy’t mei syn wjukken sêft
de swiete twirre streaket,
sadat hja derten dûnset
yn it fiere ljocht
fan laitsjende stjerren.

dinsdag, december 19, 2006

De krystbeam en de fjoerkoer

Ook Doarmer heeft een kerstboom, natuurlijk geen echte boom, en ook het vuur in de vuurkorf is namaak, maar toch is het zo voor hem een beetje kerst.

De zwerver buiten de stad

Om onze Europese moraliteit eens uit de verte te bezien, om haar aan andere, vroegere of toekomstige, moraliteiten af te meten, daartoe moet men te werk gaan, zoals een zwerver te werk gaat, die wil weten hoe hoog de torens van een bepaalde stad zijn; daartoe verlaat hij die stad. Gedachten over morele vooroordelen vooronderstellen, willen zij geen vooroordelen over vooroordelen zijn, een positie buiten de moraal, een Voorbij Goed en Kwaad, waartoe men moet opklimmen, klauteren, vliegen…… de vraag is of men werkelijk naar boven kan. In hoofdzaak is het de vraag , hoe licht of hoe zwaar zijn we, het probleem van ons “soortelijk gewicht”. Men moet zeer licht zijn, om zijn wil tot perceptie tot in zulke verten en als het ware boven de tijd uit door te drijven, om zich ogen te verschaffen voor een overzicht over millennia en dan ook nog een klare hemel in deze ogen! Men moet zich losgemaakt hebben van veel wat juist ons Europeanen van vandaag drukt, remt, neerhoudt, zwaar maakt.

Fr.Nietzsche: Die fröhliche Wissenschaft

Oer de minske Over de mens

In het midden der wereld heb Ik u gesteld, opdat gij vrij naar alle zijden kunt rondzien, en uitzien waarheen het u behaagt. Niet hemels, niet aards, niet sterfelijk en ook niet onsterfelijk hebben wij u geschapen. Want gij moet uw eigen vrije triomferende werkmeester en beeldhouwer zijn en uzelf vormen uit de stof die gij verkiezen zult. Het staat u vrij tot de onderste trap van de dierenwereld te zinken, maar gij kunt u ook verheffen tot de hoogste goddelijke sfeer.
Hoe groot is de mildheid Gods! Welk een wonderbaar hoog lot is de mens geschonken! Voor hem het geschenk, dat hij verlangt! Hij kan zijn wat hij begeert! De dieren bezitten van de geboorte af alles wat zij ooit zullen bezitten. In de mens alleen strooide de Vader bij zijn geboorte het zaad tot allerlei werk en de kiemen van iedere soort van levenswijze.

Pico van Mirandola : Over de waardigheid van de mens (1496)

Het is alsof Sartre hier aan het woord is, maar Mirandola heeft een optimistischer kijk op de vrijheid , terwijl Sartre beweert , dat wij tot “vrijheid” veroordeeld zijn of we willen of niet.

maandag, december 18, 2006

Jûn Avond

Boerenmeisje blaast de hoorn.
De gele maan schijnt door de bomen.
Boerenmeisje koost de rozen
in de blauwe manen van het paard.

Bleker gaan haar handen door het donker
naar de rozen nijgen die de grond bevonken.
Gans verslonden in gepeinzen
voelt zij zonder droefnis zich verkwijnen
in de rozen van gepeinzen.
Maan en rozen graast het paard.
Als de moede mannen komen
is zij maan en rozen waard.

M.Gilliams

Trije foarbylden

Net als Lyotard gaat ook de Schotse denker Alasdair MacIntyre (prachtige naam!) uit van een maatschappij zonder “groot verhaal” en kan de hedendaagse moraal zich niet meer legitimeren. De standpunten over morele beginselen lopen sterk uiteen , men probeert wel het publieke debat te voeren met rationele argumenten, maar in wezen zijn deze discussies eindeloos en bevestigen alleen maar de onmogelijkheid van legitimering. De moraal heeft geen rationeel fundament. Nietzsche zei al, dat is altijd zo geweest ,“goed” en “kwaad” worden bepaald door de “machthebbers”. Maar wie heeft tegenwoordig de macht , nu er geen groot verhaal meer is? Voor MacIntyre is de maatschappij een arena van conflicten, ook hier heeft Nietzsche al het nodige over gezegd , maar interessant wordt hij, als hij beweert , dat onze maatschappij drie archetypen, men zou kunnen zeggen rolmodellen , oproept: de manager, de therapeut en de estheet . Zij symboliseren de vaardigheden, die men nodig heeft voor een “geslaagd” individueel leven met “waarden” als controle ,manipulatie en efficiëntie.

De tewaterlating

D. met bezem en zelfbewuste tred op weg naar de proef.
Een opgeluchte D. na de proef

zondag, december 17, 2006

Geruchten

hoofd ener onderw. instelling
Geruchten en spanning overal.Wordt dit de nieuwe baas van D., als ze blijft drijven of krijgt pater Pierre zijn zin en wordt het de brandstapel? En wat als ze zinkt? Gaan er dan andere koppen rollen? De pater is nog lang niet uitgejaagd!

Fansels Vanzelfsprekend

Jean-Francois Lyotard schreef in 1979 een rapport met de naam La condition postmoderne. Hierin beschrijft hij de 'postmoderne' mens zonder vertrouwen in de grote verhalen, zoals bijvoorbeeld de emancipatie van de arbeiders volgens Marx of de verbreiding van de rijkdom volgens de kapitalisten . De mensen hebben te veel dingen zien gebeuren, die in strijd zijn met die grote verhalen. Net als Nietzsche zegt hij, dat er geen werkelijk algemeen levensdoel bestaat. Ieder wordt naar zichzelf terugverwezen en dit zelf stelt weinig voor, er staat niets of niemand aan het stuur van de geest en om deze” leegte” circuleren steeds weer andere woorden en driften. Niets is vanzelfsprekend. Volgens Lyotard moet je af en toe “ de roest van je bestaan schuren”. Je moet nieuwsgierig blijven naar een mogelijke invulling van de zin van het leven, maar je moet het antwoord steeds open houden, je moet je niet vastleggen. Dat is niet gemakkelijk. Schrijven en filosoferen zijn voor hem daden van verzet tegen de schijnbaar vanzelfsprekende gang van zaken.Hij zegt: ”Zekerheid hebben we niet nodig. Je kunt prima leven in onzekerheid, dat biedt je de ruimte om je eigen bestaan in te vullen. De zin van het leven? Je moet die vraag niet beantwoorden, denk ik. Je kunt dit beter openhouden, tot het eind. Op deze vraag is geen definitief antwoord mogelijk. Daarmee wil ik niet zeggen dat het leven zinloos is. Je moet er alleen steeds opnieuw een draai aan geven. Steeds opnieuw. De zin van het leven is het creëren van de zin van het leven, is het creëren van de zin van het leven, is het creëren van de zin van het leven.”

De sinne, it bern en de toarst.

Schrijvend met de zon op mijn hand
ademend tussen blote woorden
op de strandwei van het papier
zie ik een kind door de regels lopen,
zorgeloos, met ogen die alles
drinken tot op de bodem.Alles.

Als ik het roep bij mijn eigen naam
blijft het even tussen twee zinnen
wachten, kijkt mij verwachtend aan,
ledigt mij en laat mij achter:
dorstend boven een zee van taal.

Bert Voeten

zaterdag, december 16, 2006

Wat bliuwt oer Wat blijft over

Ik weet niet of ik u moet bezighouden met de eerste meditaties die ik er hield; want deze zijn zo abstract en zo ongewoon dat ze wellicht niet naar ieders smaak zullen zijn. Als men evenwel wil kunnen oordelen of mijn fundamenten voldoende stevig zijn, dan ben ik eigenlijk wel gedwongen er iets over te zeggen. Ik had allang opgemerkt dat men, als het om handelen gaat, zich vaak moet houden aan meningen waarvan men weet dat ze onzeker zijn, hoewel men moet doen alsof ze onbetwijfelbaar zijn, zoals hierboven gezegd is, maar omdat ik mij uitsluitend wilde wijden aan het onderzoek van de waarheid, meende ik nu dat ik het tegenovergestelde moest doen en al datgene waarvan ik mij kon voorstellen dat ik eraan zou twijfelen als absoluut onwaar moest verwerpen, teneinde na te gaan of er daarna nog iets zou overblijven waarvan ik mocht geloven dat het volledig onbetwijfelbaar is. Zo besloot ik dat, gegeven het feit dat onze zintuigen ons soms bedriegen, ik moest vooronderstellen dat niets is zoals het ons door de zintuigen wordt voorgespiegeld…… En ten slotte, overwegend dat we alle gedachten, die we hebben als we wakker zijn, ook kunnen hebben wanneer we slapen ( terwijl er dan in werkelijkheid geen een bij is die waar kan zijn), nam ik het besluit om te doen alsof alles wat mij ooit voor de geest was gekomen, niet meer waarheid bevat dan een bedrieglijke droom. Maar onmiddellijk daarop besefte ik dat, terwijl ik aldus wilde menen dat alles onwaar is, het noodzakelijk was dat ik, die dat dacht, iets ben.

Descartes – Discours de la méthode (1637)

De tsjoenster De heks

Op de weblog is nogal wat commotie ontstaan over de vraag of D. een heks is. Pater Pierre de Bree s.j. heeft het voorstel gedaan om haar aan een heksenproef te onderwerpen om zo vast te stellen of haar hemelse uitstraling niet slechts een list van de duivel is. Natuurlijk heeft de pastoor te H. zich meteen in zaak gemengd en contact opgenomen met de H.vader. Van de kant van de kerk is er geen enkel bezwaar tegen een dergelijke proef en omdat van uitstel alleen maar afstel komt, is besloten, dat de proef maandag a.s. om 14.05 uur in het kanaal tegenover het Ketternest zal plaatsvinden. De pastoor en de pater zullen beide erop toezien, dat men zich volledig aan de voorgeschreven procedure houdt en daarom hebben zij reeds een schema gemaakt. Ook D. heeft toegezegd te zullen meewerken, omdat zij overtuigd is van haar onschuld, ze zei “ Dan zijn meteen al die praatjes de wereld uit, het enige waar ik moeite mee heb, is de watertemperatuur in deze tijd van het jaar, maar Hij zal mij helpen”. De kade wordt enige tijd voor het verkeer afgesloten en de politie roept iedereen op zo veel mogelijk met het openbaar vervoer te komen gezien de te verwachten belangstelling.

vrijdag, december 15, 2006

Leafde yn har eagen

Mijn vrouwe draagt de liefde in haar ogen,
en dat waarnaar zij kijkt wordt zacht en goed.
Elk wendt zich naar haar toe, en wie zij groet,
voelt zich geroerd en wordt, het hoofd gebogen,

tot spijt om elke eigen fout bewogen,
terwijl zij achterdocht en overmoed
voor haar volmaakte schoonheid vluchten doet.
Ik eer haar. Steun mij, vrouwen, in mijn pogen.

In ’t hart van allen die haar horen spreken,
wekt zij zo’n deemoed dat men hen nadien
om hun zachtmoedigheid te meer waardeert.

Als zij ons even met een lach vereert,
beseffen wij dat wij een wonder zien
waarvoor ons woorden en begrip ontbreken.

Dante Alighieri (1265-1321)

De boze brief

Doarmer ontving vandaag een brief met de volgende inhoud:

Je weet, Doarmer, dat ik heus wel tegen een grapje kan, maar jij en B. zijn deze keer te ver gegaan. Nota bene op de dag, die voor mij de gelukkigste van het jaar had moeten zijn, komen jullie aanzetten met een “zogenaamd geschenk”, een heks op een bezemsteel en dat is wel het laatste, waarop ik zat te wachten. Jullie hebben daarmee mijn hele dag kapot gemaakt, ja, lees dat maar goed, kapot gemaakt. Waaraan heb ik dat verdiend? Vooral jij Doarmer valt mij ontzettend tegen. Wie heeft er steeds voor koffie gezorgd, als jij verkleumd van de kou binnenkwam? Denk daar maar eens goed over na! Ik heb na gisteren mijn conclusies dan ook getrokken. Jou en dat “vriendje” van je wil ik hier nooit meer zien en zeker niet op de dag, die de gelukkigste van het jaar moet zijn.

De groeten
D.

De lezers kunnen zich voorstellen, dat Doarmer erg schrok, toen hij deze brief las. Hij krijgt wel vaker boze brieven, maar deze sloeg alles. Waarom had D. eigenlijk een heks op een bezemsteel als geschenk gekregen? B. en Doarmer waren van plan een beeldje van een lief herderinnetje met een schaapje voor D. te kopen, maar de verkoopster in de winkel zei “ Dat moeten jullie niet doen, de moderne vrouw identificeert zich in de eerste plaats met de heks. Zo’n herderinnetje is veel te “vanille”. B. en Doarmer luisteren altijd goed, als ze iets over vrouwen kunnen leren en zij hebben dus die heks gekocht. En zo zien de lezers maar weer, dat door een klein misverstand een vriendschap helemaal voorbij kan zijn, want D. zal wel heel lang boos blijven.

De hillige famylje


Stille nacht, Hillige nacht

Stille, nacht, hillige nacht,
Heech oer 't fjild, himelljacht,
't Bernke yn 'e krêbbe,
it slommet sa swiet,
Glimkjend yn sliep ta it ingleliet;
Lyts en dochs wûnder fan krêft,
Slomje no bernke, sliep sêft.

Stille nacht, Hillige nacht,
D' ierde jout lúst'rjend acht,
Fier oer de loft giet it boadskip rûn,
God hat wer nocht oan de minsken fûn,
Frede is d' ierde biskern,
Frede oan ús fan dit bern.

Oerset troch D. Kalma

donderdag, december 14, 2006

Rie fan 'e wolf

Rin net efter my
faaks lied ik net.
Rin net foar my
faaks folgje ik net.
Rin njonken my,
sadat wy as ien binne

Oersetting:
Loop niet achter mij
misschien leid ik niet.
Loop niet voor mij
misschien volg ik niet.
Loop naast mij,
zodat wij als één zijn

van het internet